Simon van Cyrene, kruis dragen · Lukas 23

Simon van Cyrene draagt kruis Jezus
Preek Lukas 23:26: En als zij Hem wegleidden, namen zij een Simon van Cyrene, komende van den akker, en legden hem het kruis op, dat hij het achter Jezus droeg.

PDF · Audio

YouTube player

Thema preek Lukas 23: Simon van Cyrene draagt kruis Jezus

Ene Simon van Cyrene.
1. Wie hij is
2. Waar hij toe gedwongen wordt
a. Wat betekent dat voor Jezus?
b. Wat betekent dat voor hemzelf?

Preek Lukas 23: Simon van Cyrene draagt kruis Jezus

Gemeente, we zijn op deze laatste zondag voor Goede Vrijdag op weg naar Golgotha.
De Heere Jezus is gevangen genomen. Voor het Sanhedrin is Hij ter verantwoording geroepen, door Pilatus is Hij ondervraagd, voor Herodes is Hij bespot met een purperen ‘zogenaamde’ koningsmantel, en toen is Hij weer teruggebracht naar Pilatus.
Bij Pilatus is de Heere Jezus gegeseld, met doornen (voor het vuur bestemd) gekroond, als was Hij een brandhoutkoning. Hij is bespot, met een rietstok op Zijn hoofd geslagen, gespuugd in Zijn gezicht, en quasi eerbiedig als koning aanbeden door Zijn vijanden.
Maar dat is nu allemaal voorbij. Het heeft vier, vijf, maximaal zes uur geduurd, en nu wordt het tijd voor de executie.
Nooit is iemand zo haastig de wereld uitgejaagd als Hij, zegt Matthew Henry.

Ze duwen Hem op weg naar Golgotha. En dan lezen we onze tekst in Lukas 23:26.
Waar we iets lezen, wat Heere eerder met woorden schetste in Lukas 9 (we hebben het samen gelezen): En Hij zeide tot allen: Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelven, en neme zijn kruis dagelijks op en volge Mij.

En dat wat de Heere Jezus toen zei, dat zien we vanmorgen in de tekst van de preek, in Lukas 23:26. Waar we lezen:
En als zij Hem wegleidden, namen zij een Simon van Cyrene, komende van de akker, en legden hem het kruis op, dat hij het achter Jezus droeg.

Het thema van de preek is, de preek gaat over:
Ene Simon van Cyrene

Er zijn twee aandachtspunten. We vragen ons in de eerste plaats af: Wie is Simon van Cyrene?
En we stellen ons in de tweede plaats de vraag: Waar Simon van Cyrene toe gedwongen wordt, en wat dat betekent voor de Heere Jezus en voor hemzelf.
Dus twee aandachtspunten, waarbij punt twee is onderverdeeld in twee aanvullende vragen:

1. Wie Simon van Cyrene is
2. Waar Simon van Cyrene toe gedwongen wordt
a. En: wat betekent dat voor Jezus?
b. En: wat betekent dat voor Simon van Cyrene zelf?

Als eerste dus:

1. Wie Simon van Cyrene is

Wie is Simon van Cyrene eigenlijk? En wat weten we van deze man?
We weten maar een paar dingen van hem, maar het is voldoende om een beeld te vormen van wie hij was.
Lukas schrijft: hij is een Simon van Cyrene, komende van de akker.
En Markus schrijft: hij is een Simon van Cyrene, die daar voorbijging, komende van akker (Mark. 15:21).

a. Hij is: Een Simon, een zekere Simon.
Zoals wij soms ook zeggen: een zekere Jan, een zekere Piet, een zekere Klaas, dat wil zeggen: geen bekende man.
Simon is een onbekende man. Hij is bij de mensen onbekend, maar door God gekend en geliefd, die nu apart wordt gezet tot een bijzonder dienstwerk.
Een zekere Simon.

b. Een zekere Simon (en dat is het tweede wat we van hem weten) van Cyrene.
Een vreemdeling dus, die waarschijnlijk net het land is binnengekomen, om als pelgrim in Jeruzalem het paasfeest vieren.
Hij is ver van huis, want hij komt uit Cyrene. En Cyrene ligt in Noord-Afrika, in Libië, in de buurt van de huidige hoofdstad Tripoli. Hij is meer dan 2700 km van huis (zie ook Hand. 2:10, 13:1).
Hij heeft waarschijnlijk helemaal geen idee van wat er allemaal in Jeruzalem aan de gang is. Maar Gods voorzienigheid en leiding brengen hem op deze plaats.
Zoals God jou en u vanmorgen ook op deze plek brengt, misschien wel zonder enig idee van wat God wil en zal gaan doen.

c. Een zekere Simon van Cyrene (en dat is het derde) komende van de akker.
Hij komt niet van de akker omdat hij daar gewerkt heeft, want het zijn feestdagen. En hij is hier te gast. Waarschijnlijk komt hij gewoon terug van een mooie wandeling, misschien van wat wij zouden noemen: een excursie. Zoals mensen in deze tijd ook graag naar Israël gaan, om na terugkomst te vertellen, hoe bijzonder het was wat ze daar allemaal gezien hebben.

d. Een zekere Simon, van Cyrene, die komt van de akker, en die (dat is het vierde wat er van hem staat) voorbijgaat.
Hij is letterlijk een voorbijganger. Markus zegt: Hij ging voorbij.
Hij is helemaal niet van plan om zich in deze menigte te begeven. Hij is helemaal niet van zins om zich in te laten met een stoet rond drie ter dood veroordeelde misdadigers op weg naar de executieplaats.
‘Daarvoor ben ik niet in Jeruzalem. Snel voorbijlopen dus. Laat je niet in met deze luidruchtige menigte, die zich met zoveel geroep en gehuil een weg baant vanuit de stad in de richting van de heuvel Golgotha.’

Maar…, ineens wordt die Simon van Cyrene in zijn kraag gepakt!
Daar staat een Man… Het bloed druipt van de wonden op Zijn hoofd…
Zijn gezicht vertoont tekenen van geweld…
Jesaja noemde hem destijds niet voor niets misvormd (Jes. 52:14)
En Hij draagt Zijn kruis. Een veroordeelde is het dus, op weg naar de executieplaats…

‘Hier, man, dragen jij, dat kruis!’
Ruw pakt een Romeinse hoofdman hem beet. Hij wordt vastgehouden. En of hij nu wil of
niet, het kruis van die onbekende man wordt op zijn rug gelegd.
Kijk maar in vers 26: En legden hem het kruis op.
Mattheüs schrijft: Zij dwongen hem, dat hij Zijn kruis droeg
Zij dwongen hem!
‘Nee, maar luister, kerels, ik heb hier helemaal niets mee te maken! Ik ben een onschuldige pelgrim, die bezig is met mijn lang gehoopte reis naar het heilige land!’
‘Nee, mond dicht! Dragen!’
En legden hem het kruis op, dat hij het achter Jezus droeg (vers 26).

Ons tweede aandachtspunt:

2. Waar Simon van Cyrene toe gedwongen wordt

En wat dat betekent voor de Heere Jezus, en wat dat betekent voor hemzelf. Eerst dus:

2a. Wat het betekent voor de Heere Jezus

Waarom wordt Zijn kruis eigenlijk afgenomen? Dreigt Hij te bezwijken?
Er is geen enkele reden om dat te veronderstellen. Nergens vinden we in de evangeliën aanwijzingen voor lichamelijke uitputting van de Heere Jezus.
Nee, dit is opnieuw een wrede actie van de soldaten. Ze spelen opnieuw het spel van hun koningsparodie. Door heel overdreven te doen, drijven ze de spot met Jezus!

Eerst deden ze het met de doornenkroon, toen met het purperen kleed, toen met de geveinsde knieval, en nu gaan ze verder met hun wrede spel: de Koning der Joden, Die moet natuurlijk ook een onderdaan hebben. In ieder geval eentje!
Dit is echt bedoeld om de Heere Jezus nog bespottelijker te maken!

En tegelijkertijd is het ook spot met de eerdere woorden die Jezus publiek sprak, en die hen ongetwijfeld ter ore zijn gekomen. Ik bedoel deze woorden, die we ook gelezen hebben: Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelven, en neme zijn kruis dagelijks op, en volge Mij (Lukas 9:23, zie ook 14:27).
‘Nu dan, Koning der Joden, hier hebt U zo’n kruis dragende volgeling. In ieder geval één!’ Het is de zoveelste diepe vernedering van de lijdende Zaligmaker!

Je zou er bijna om gaan huilen.
En dat doen de mensen ook!
Kijk maar in vers 27: En een grote menigte van volk en van vrouwen volgde Hem, welke ook weenden en Hem beklaagden.
Dit zijn geen ingehuurde klaagvrouwen, want dat was bij een openbare terechtstelling niet toegestaan. Dit is een massa van mensen, die huilt van diep medelijden en verdriet om Hem. Om die voortreffelijke Man, om hun Weldoener, om hun Genezer.
Ze weten het, ze geloven het: dit is heel onrechtvaardig, dat Hij zo lijden moet. Dat het nu toch zo met Hem afloopt…!
Tjonge, nu dit weer! Hij meende het zo oprecht, toen Hij zei: Neem uw kruis op.
En nu wordt het door de soldaten ingezet als vervolg van hun satirische toneelstuk, om Hem nog meer bespottelijk maken.
Ze wenen, ze huilen, ze beklagen Hem.

Maar (ik lees even verder in vers 28): Jezus, Zich tot haar kerende, zeide: Gij dochters van Jeruzalem! weent niet over Mij, maar weent over uzelf, en over uw kinderen.
Ziet u wel. Hij is niet zo uitgeput en verzwakt, als wij wel zouden denken. Hij spreekt, met gezag en autoriteit, als een echte Koning, lijdend en tegelijkertijd overwinnend op weg naar de dood!

‘Dochters van Jeruzalem, betrokken en geraakte mensen, in tranen om Mij, u huilt om de verkeerde. U denkt dat het mis gaat met Mij, maar het gaat mis met u, en het gaat mis met uw kinderen!’
‘Huil, ween over uzelf en over uw kinderen!’
Aangrijpende waarschuwing! Je kan (zeker ook in de lijdenstijd) aangedaan zijn om zoveel bitter lijden, om zulke diepe verachting en scherpe spot, maar… uzelf…, jijzelf…,
uw kinderen…?

En om te illustreren wat de Heere bedoelt, gebruikt Hij twee uitdrukkingen:
a. De eerste staat in vers 29: Want ziet, er komen dagen, in welke men zeggen zal: Zalig zijn de onvruchtbaren, en de buiken, die niet gebaard hebben, en de borsten, die niet gezoogd hebben.
Gewoonlijk zijn vrouwen die geen kinderen hebben verdrietig en soms ook jaloers op degenen die wel kinderen hebben, zoals we weten uit de geschiedenis van Rachel en Lea.
Maar, zo zegt de Heere Jezus, de tijd komt dat zij die wel kinderen hebben, die kinderen als een last zullen ervaren. Als een last die hun vlucht bemoeilijkt. En het zal hen intens verdriet doen, als ze hun kinderen zullen zien omkomen door de honger of door het zwaard (Hos. 9:11-14).
b. En, het tweede wat de Heere zegt, staat in vers 30: Alsdan zullen zij beginnen te zeggen tot de bergen: Valt op ons en tot de heuvelen: Bedekt ons.
Laat ons in plaats van al die aankomende rampen maar liever levend begraven worden, laat ons maar liever tot gruis vermorzeld worden onder die vallende bergen (Hos. 10:8).

Want?
En dan komt de finale uitleg in vers 31: Indien zij dit doen aan het groene hout, wat zal aan het dorre geschieden?
Met andere woorden: Ik ben onschuldig, Ik ben zonder enige zonde. De Vader had een welbehagen in Mij. En zie nu: Mijn bittere lijden, Mijn dragen van de last van Gods toorn!
Ik ben het groene, Ik ben het levende hout…
Maar (kijk nu niet naar Mij, maar kijk naar uzelf!): uw leven is dor!
U hebt met God gebroken, u leeft niet meer tot eer van God (zoals Ik wel doe).
Uw leven is belast met zonde en schuld. U moet huilen om uzelf. En om uw kinderen.

Doet u dat ook? Huilen om uzelf en om uw kinderen?
Ja, je kan zeggen: ‘Maar mensen, je moet blij zijn, want Jezus is gestorven voor de zonde, en Hij leeft! Je moet blij zijn!’
Ja, maar luister nu eens, Diezelfde Jezus zegt dit (dat zeg ik niet, dat zegt Hij!): Ween over uzelf!
Huil over uw zonden, die de oorzaak zijn van lijden, sterven en dood…
Huil van schaamte, omdat u in Mij (als in een spiegel) ziet wat u gedaan hebt…
Huil van vrees, want nu ziet u welke ellende u over uzelf zult brengen, als u Mijn liefde en genade verwerpt en veracht.
En dus: ween over uzelf!

Ween niet van medelijden om Mij! Maar om wat u deed, om wie u was, en om wie u bent voor God. En kom dan met die nood (niet met dit medelijden, maar met die nood!) tot Mij. Dan zult u ervaren, wat we nu eerst samen gaan zingen uit Psalm 147:2.
Hij heelt gebrokenen van harte,
En Hij verbindt z’ in hunne smarte,
Die, in hun zonden en ellenden,
Tot Hem zich ter genezing wenden.
Hij telt het groot getal der starren,
Die ’t scherpst gezicht op aard’ verwarren.
Hij roept dat talloos heir te samen,
En noemt die alle bij haar namen.

Simon van Cyrene.
Wie Simon van Cyrene is, ons eerste punt.
En: Waar Simon van Cyrene toe gedwongen wordt, ons tweede punt. En wat dat betekent voor Jezus: diepe verachting en verscherping van Zijn bitter lijden.
Maar nu ook het tweede deel van punt 2:

2b. Wat het betekent voor Simon van Cyrene zelf

Want onze blik was even afgedwaald, naar de omstanders, maar het ging en het gaat om ene Simon. Die in zijn kraag gevat is, die door stoere mannenhanden is vastgegrepen, en op wie het kruis van Jezus is gelegd.

Hij had er niet op gerekend. Hij was immers maar gewoon een ‘toevallige voorbijganger’. En helemaal vrijwillig was het aanvankelijk ook niet gegaan: want ze dwongen hem, staat er. Hij wordt door de Romeinse soldaten ineens gedwongen om het kruis van Jezus te dragen. Hoewel, ten diepste is het de Heere Zelf, Die hem dit kruis oplegt.

Wat betekent dit eigenlijk voor Simon van Cyrene?
Het valt op dat, dat wat hier gebeurt, naadloos aansluit bij dat eerdere onderwijs van de Heere Jezus: Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelven, en neme zijn kruis dagelijks op, en volge Mij (Lukas 9:23).
Destijds zei de Heere het met woorden. Maar nu maakt Hij het ook zichtbaar.
Dit is zichtbaar onderwijs voor Simon van Cyrene en voor iedereen die aan Jezus verbonden is, voor iedereen die waarde is gaan zien in Hem, voor iedereen die Hem nodig gekregen heeft.

Als dat zo is in uw leven, dan moet u bij het zien van dit schouwspel wel zeggen:
Ja, maar dit is wel een geheel enig kruis.
Hij draagt Zijn kruis. Maar dat had ik verdiend.
Hij wordt gesmaad. Maar dat had ik moeten worden.
Hij lijdt en sterft zo meteen aan het kruis. Dat had ik moeten zijn.
Een enig, plaatsvervangend kruis.
Hier is geen plaats voor tranen van medelijden. Maar wel voor tranen van verwondering.

Maar als u zo in geloof kijkt, naar wat hier gebeurt, dan wil de Heere u met deze geschiedenis van Simon van Cyrene, ook nog iets anders leren.

Want, ja, dit is het eerste: Door Zijn genadewerk brengt de Heere tot nieuw leven, tot bekering, tot vluchten tot Jezus, tot gelovig zien op Hem. Door bekering, door wedergeboorte, door het werk van de Heilige Geest.
Maar voor daarna is er ook de opdracht en de zegen van dit: van wat de Heere zei in Lukas 9: Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme zijn kruis dagelijks op en volge Mij.
En dat is wat we hier nu ook zien. Dat is wat de Heere nu Zelf in het leven van Simon gaat doen. Hem leren kruisdragen achter Hem aan.

We hebben eerst nodig dat het weer goedkomt tussen God en ons hart. We moeten eerst ingaan door de smalle poort, door de deur Jezus Christus.
Maar na die smalle poort is er ook een smalle weg! Een smalle weg van het volgen van de Heere, van het gaan in Zijn voetstappen, terwijl we een vermaak hebben in Zijn geboden.
En dat smalle pad is een weg van kruisdragen.

Dat eerste, geloof en bekering, was Gods werk.
Maar dat tweede is ook Gods werk. Paulus zegt: Het is God, Die in u werkt, beide dat te willen en dat te doen (Fil. 2:13).
En wat dat kruisdragen inhoudt, dat zien we hier.

a. Het betekent in de eerste plaats, wat de Heere Jezus al zei in Lukas 9: jezelf verloochenen.
Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelven, en neme zijn kruis dagelijks op, en volge Mij. Wat is dat precies? Jezelf verloochenen, dat ‘nee’ zeggen tegen je oude zelf?
Je zou kunnen zeggen: Het is God gaan zien, als het enige en hoogste goed. Zoals Asaf in Psalm 73: Wien heb ik nevens U in hemel? Nevens U lust mij ook niets op aarde (73:25).
Het is weigeren om te leven voor je eigen plezier, om jezelf te behagen.
Het is in alle dingen (in wat ik doe, in wat me overkomt) zeggen: Niet mijn wil, maar Uw wil geschiede (Hand 21:14).
Het is het loslaten van het vertrouwen op jezelf.
Het is in één woord: gericht zijn op God, om voor Hem te leven!

b. Kruisdragen betekent in de tweede plaats openlijk de Naam van Christus belijden.
Dat is wat deze Simon van Cyrene moet doen!
Gedwongen door de harde stemmen en de ruwe handen van Romeinse soldaten, maar daarachter klinkt zonder twijfel ook de zachte en liefdevolle stem van Christus: Simon, neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart. En u zult rust vinden voor uw ziel (Matt. 11:29)
De liefde van Christus dringt Simon van Cyrene, om Zijn Naam te belijden. Hier, publiek, midden in die massa van mensen.
De liefde van Christus dringt ons, kinderen van God (jongeren en ouderen) om Zijn Naam te belijden. Niet alleen op zondag christen te zijn en Zijn Naam te belijden en daarna doordeweeks je eigen ding te doen, maar om altijd en overal eerst christen te zijn (volgeling van Christus) en dan, daarna student, zakenman, verpleegkundige of wat dan ook.

b. Kruisdragen betekent in de derde plaats met woord en daad het Koninkrijk van God verkondigen en getuigen tegen de zonde om ons heen.
Niet (spottend of huilend) meedoen met de massa. Maar op die aparte plek, geheiligd, middenin in die massa (misschien wel zonder woorden) in het leven van iedere dag iets verspreiden van de goede reuk, van de geur van Christus, opdat onze naasten voor Hem gewonnen mogen worden.

c. Kruisdragen betekent in de vierde plaats gewillig kruis dragen, in hartelijke onderwerping aan de weg die de Heere met ons gaat.
In lijden, in tegenspoed, in verdrukking. In laster, in smaad, in wantrouwen. In de wereld en in de kerk. Zwijgend achter een zwijgende Borg, Die om mij zweeg (Jes. 53:7).
Het kan zijn dat we ‘om Zijns Naams wil’ smaadheid moeten lijden.
Maar het kan ook zijn door een weg van lijden in het tijdelijke leven of in geestelijke aanvechtingen.

Waarom is het leven van de oprechte christen een weg van kruis dragen?
Ik zal u een paar redenen noemen.

1. Omdat de Heere het ons Zelf oplegt. Zoals de Heere het eerder zei, en nu bij Simon ook doet: Die neme zijn kruis dagelijks op, en volge Mij.
Dagelijks je kruis opnemen, wat je krijgt uit de handen van de Heere…
God legt het voor ons neer, en wij nemen op. En dragen het.
We zoeken het kruis niet, maar we nemen het op, als de Heere het voor ons legt.
Dan zeggen we met Job: Zouden wij het goede van God ontvangen, en het kwade niet ontvangen (Job 2:10).
Laten we ons kruis (zoals het doopformulier zegt) maar vrolijk dragen, Hem aanhangende met waarachtig geloof, vaste hoop en vurige liefde.
Want… het komt uit Gods hand. En God weet precies welk kruis geschikt is voor ons.
Om ons klein te houden. Om ons hart naar de Heere toe te trekken.
Om ons hart los te maken van de zonde. Om ons te heiligen.
Denkend aan de woorden van Petrus: Maar gelijk Hij Die u geroepen heeft (om kruis te dragen) heilig is, zo wordt ook gij zelf heilig in al uw wandel (1 Petr. 1:15).

Waarom is het leven van de oprechte christen een weg van kruis dragen?
2. In de tweede plaats omwille van de Naam van Christus.
Opdat we door die weg Hem meer in oog zullen krijgen, de overste Leidsman en Voleinder des geloofs. Die voor ons loopt. Die het zwaarste (dat enige en unieke) kruis gedragen heeft en de ergste schande veracht heeft (Hebr. 12:2).
Om ons zo te leren door die moeilijke wegen op Jezus te zien, Hem alle liefde en eer te geven.
Daarom waren de apostelen verblijd dat ze om Zijn naam smaadheid hadden mogen dragen (Hand. 5:41). Ze zagen het als een genadegift uit Gods hand om voor Hem te lijden. Zoals staat in Filippenzen 1: Want u is uit genade gegeven in de zaak van Christus, niet alleen in Hem te geloven, maar ook voor Hem te lijden (Fil. 1:29).
Voor Hem, voor de eer van Zijn Naam.

Waarom is het leven van de oprechte christen een weg van kruis dragen?
3. We weten (in de derde plaats) ook dat dat kruis goed voor ons is.
Het leert ons om niet vast te kleven aan de dingen van deze voorbijgaande wereld.
Maar om te leven voor Hem. Om ten diepste en in ons hart gericht te zijn op de komende wereld, op de hemelse heerlijkheid, zoals Paulus zegt tegen de Kolossenzen: Indien u dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods. Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Want u bent gestorven, en uw leven is met Christus verborgen in God (Kol. 3:1-3).

Wie zo leven mag, die lijdt anders onder dat kruis. Die mag dat moeilijke kruis en dat zware lijden bij tijden ook vrolijk dragen. Want er is perspectief, er is vooruitzicht, zoals de apostel schrijft: Ziende op de overste Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechterhand des troons van God (Hebr. 12:2).
Die begrijpt Jakobus, als hij schrijft: Acht het voor grote vreugde, mijne broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt; wetende dat de beproeving uws geloofs lijdzaamheid (geduld en onderwerping) werkt (Jak. 1:2-3).
En, zegt Paulus, de lijdzaamheid werkt bevinding. Dat wil zeggen: de ervaring van de hulp en de trouw van Christus, in het doen van wat Hij ons beloofd heeft. Namelijk: ons in al die moeilijkheden bijstaan!
De die bevinding, die ervaring werkt hoop. Die hoop namelijk, dat God al Zijn beloften vervullen zal, ook die van de eeuwige zaligheid.
En de hoop beschaamt niet, omdat de liefde Gods (die nooit van ons scheiden zal) in onze harten uitgestort is door de Heilige Geest, Die ons is gegeven (Rom. 5:4-5)

Waarom is het leven van de oprechte christen een weg van kruis dragen?
4. Dat kruis dragen heeft in de vierde plaats nog een ander doel.
Wat denkt u, waarom moet Simon hier publiek voor het oog van iedereen dit vernederende werk doen? Om de omstanders aan het denken te zetten: ‘Wat gebeurt hier toch? Waarom draagt deze onbekende man zijn kruis achter Jezus?’

Ja, maar zegt u: ‘Ze moesten Simon van Cyrene er wel toe dwingen!’
Dat is waar, aanvankelijk wel, maar ik lees niet dat hij verder al scheldend en mopperend zijn weg gegaan is.
Want het kruis achter Jezus buigt een mens. Het maakt ons gewillig.
Door het zien op Hem, Die voor ons gaat. Die de last van onze zonden droeg.
Dat doet zwijgen, dat maakt gewillig, dat maakt stil voor God.
En dat is iets wat Gods kinderen niet eenmaal, maar ook steeds weer nodig hebben: gewillig gemaakt worden.

Maar dat kruis achter Jezus (ziende op Degene, Die voorgaat), dat kruis doet dus nog iets, waarom het zo nuttig is om als kind van God het kruis te dragen.
Het raakt andere mensen. Het trekt liefdevol aan harten van anderen. Het zet anderen stil. En dat wil God gebruiken, voor Hem, voor Zijn eer. Maar ook voor de zaligheid van andere mensen.

Stel je voor: Daar sta je, huilend om de lijdende Heere.
En dan ineens: ‘Ween niet. Huil om jezelf…’
Je veegt tranen weg, je kijkt…, en ineens zie je die man…
Hé, kijk, hij huilt niet. Hij… draagt Zijn kruis…

Dat is wonderlijk! Waardig kruis dragen trekt de aandacht van mensen, trekt andere mensen aan, lokt andere mensen middellijkerwijs tot de dienst van Heere.
Als je in het ziekenhuis vertelt, hoe Heere je helpt om je kruis te dragen.
Als je je collega’s vertelt, dat je weg wel moeilijk is, maar dat de Heere Zelf het kruis dat Hij op je schouders gelegd heeft, meedraagt.
Het kan en mag een middel zijn om andere mensen voor Christus te winnen.
Zijn juk? O, dat is zacht! Zijn last? O, die is licht!

Zeg, voorbijgaande Simon, vind je echt rust in je zakenleven, in de dingen waar je mee bezig bent? Ben je echt gelukkig met wat je doet?
Vanmorgen komt je onverwachts de lijdende Zaligmaker tegen, Die zegt: Neem Mijn juk op u. Stop met je eigen ding. Neem Mijn juk, neem Mijn kruis.
Met andere woorden, ook: ‘Wees niet bang! Je denkt misschien dat het niet zal gaan, dat het te zwaar en te moeilijk zal zijn, maar wees niet bang dat je eronder bezwijken zult. Want het is precies afgemeten, het past precies, op jouw schouders en voor Mijn doel.
En: Mijn juk? O, dat is zacht! En Mijn last? O, die is licht!
En dat leven met God, dat kruis dragende leven, gemeente, dat is een gezegend leven, dat is een goed leven. Want?

1. Want dat kruis dragende leven brengt (in de eerste plaats) in nabijheid van de Heere Christus. En u weet, Asaf zegt: Het is goed nabij God te zijn (Ps. 73:28).
Niemand is er zo dichtbij Jezus als Simon van Cyrene.
De Romeinse soldaten hebben hem ongetwijfeld ruw en gemeen behandeld.
Maar denkt u niet dat Jezus hem een liefdevolle blik gegund heeft? En zou u dan ook niet denken: Het uitnemendste van dit leven is moeite en verdriet, maar beter dan dit tijdelijke leven is Uw goedertierenheid?
Het kruis van Christus brengt dichtbij Christus, achter Hem aan.
En het kan ook alleen maar in Zijn nabijheid, dicht bij Hem, dicht bij Hem Die kracht geeft om het te dragen, Die gewillig maakt om het te dragen en Die bereid maakt om het pad te lopen, dat Hij voor ons heeft uitgestippeld.
Dat kruisdragen is zelfs een teken van vereniging met Hem

2. Dat kruis dragende leven is een gezegend leven, dat is een goed leven, want dat brengt ons (in de tweede plaats) in het spoor van Zijn voetstappen.
Waar Petrus ooit toe opriep, toen hij schreef: Want hiertoe bent u geroepen (dat is uw roeping!), dewijl ook Christus voor ons geleden heeft, ons een voorbeeld nalatende, opdat u Zijn voetstappen zou navolgen.
Die geen zonde gedaan heeft, en er is geen bedrog in Zijn mond gevonden; Die, als Hij gescholden werd, niet wederschold, en als Hij leed, niet dreigde; maar gaf het over aan Die, Die rechtvaardiglijk oordeelt (1 Petrus 2:21-23).

3. Dat kruis dragende leven is een gezegend leven, dat is een goed leven, want dat verbindt ons (in de derde plaats) aan Zijn werk.
Het werk van de verzoening, de betaling van de schuld en van de zonden van Zijn volk, dat deed Hij Zelf, helemaal alleen.
Maar toch (en dat is wonderlijk!), toch mochten de handen van Simon van Cyrene raken aan Zijn werk, raken aan Zijn kruis.
En dat kruis is veel mooier, dat is veel aantrekkelijker dan al de glitter van deze wereld. Om door dat kruis dragende leven achter Hem, de aandacht te vestigen op Hem, om zo middel te mogen worden in Zijn dienst om anderen niet voor ons, maar voor Hem te winnen.

Daarom, kinderen van God, onder uw heiligend kruis, achter Hem aan:
Verblijd u in de hoop.
Wees geduldig in de verdrukking.
Volhard in het gebed (Rom. 12:12).
En bezit uw zielen in uw lijdzaamheid (Luk. 21:19).

Biddend om de genade, waar ons Avondmaalsformulier ook om bidt:
Verleen ons ook Uw genade dat wij, getroost ons kruis op ons nemende, onszelf verloochenen, onze Heiland belijden, en in alle droefenis met een opgeheven hoofd onze Heere Jezus Christus uit de hemel verwachten, waar Hij onze sterfelijke lichamen aan Zijn verheerlijkt lichaam gelijkmaken, en ons tot Zich nemen zal in eeuwigheid.

Want, onder dat heiligend kruis, bent u op weg, naar het erfgoed hierboven, naar het Vaderlijke huis.

Amen.

Links bij preek Lukas 23: Simon van Cyrene draagt kruis Jezus
Preek: Zeer begeerd ziften als tarwe (Lukas 22)
Preek Jesaja 53: Hij had geen gedaante noch heerlijkheid
Preek Zacharia 13: Een fontein geopend voor Davids huis
Preek Johannes 15: Zonder oorzaak gehaat
Lees meer:
– Kanttekeningen bij Lukas 23

TERUG LIJDENSTIJD | LUKAS