| Preek over: Het gescheurde voorhangsel Lukas 23:45: En de zon werd verduisterd, en het voorhangsel des tempels scheurde middendoor. |
Het teken van het gescheurde voorhangsel
Deze preek voor de bediening van het Heilig Avondmaal gaat over Lukas 23, vers 45b, waar staat: En het voorhangsel des tempels scheurde middendoor. Dat is de tekst voor de preek met als thema het teken van het gescheurde voorhangsel. Twee aandachtspunten, in de eerste plaats een verboden toegang en in de tweede plaats een geopende toegang. Dus het teken van het gescheurde voorhangsel, een verboden toegang en een geopende toegang. Is dat eerst een verboden toegang?
Want ja jongens en meisjes, dat stond er eigenlijk voor het gescheurde voorhangsel. Tussen het heilige en het heilige der heiligen in de tempel. Voor dat grote dikke, hoge gescheurde voorhangsel in de tempel, dat hing dus voor het heilige der heiligen. Daarachter, achter dat dikke, brede hoge gescheurde voorhangsel woonde God Zelf. De heilige, de rechtvaardige God. En niemand mocht daar binnengaan. Want bij de heilige God kon en mocht geen zondaar wonen. En dus hing daar voor dat heilige der heiligen een heel groot, dik gescheurde voorhangsel.
Dat als het ware tegen iedereen zei, ook tegen de priesters: verboden toegang. Alleen één keer per jaar op de grote verzoendag mocht de hogepriester, omhuld door een wolk van wierook, dat gescheurde voorhangsel openen en dat heilige der heiligen binnengaan. Alleen met bloed. Met bloed van de zondebok dat hij sprengde. Eén keer, toen de ark daar nog stond, één keer op het verzoendeksel en zeven keer daarvoor. Om, zo staat in Leviticus 16, verzoening te doen voor de zonde.
Hoewel het, staat in de Hebreeënbrief, onmogelijk is dat het bloed van stieren en bokken ooit de zonde zelf zou wegnemen. Maar verder was de toegang tot God gesloten. Voor wie is het sacrament van het Heilig Avondmaal zometeen bestemd? Voor diegenen, belijdende leden, die van de Heere bevindelijk geleerd hebben dat er een grote scheiding is tussen God en hun hart. En zoals Jesaja zegt in Jesaja 59, vers 2: Uw ongerechtigheden maken een scheiding tussen u en tussen uw God.
Hoe vernederend is dat, nietwaar, voor ons trotse hart als de Heere ons dat laat zien. Dat wij zelf de weg geblokkeerd hebben en de toegang gesloten hebben. Wat geeft dat diep verdriet in ons hart. Zoals de Bijbel zegt, droefheid naar God. Als de Heere dat werkt in ons hart, dan scheurt dat letterlijk ons hart hier van binnen. Geliefde gemeente, heeft het zicht op uw zonde en schuld, op uw ongerechtigheden voor God, heeft dat ooit uw eigen hart gescheurd?
En scheurt de gedachte aan, en het zicht op uw blijvende zonde, nog steeds uw hart? Zonder offer, zonder bloed is de weg blijvend geblokkeerd. En zonder offer, zonder bloed, persoonlijk gestreken aan de posten van ons hart, is er ook geen toegang tot God hier aan de bediening van het heilig sacrament. Zonder offer, zonder bloed staat er ook boven deze tafel geschreven: verboden toegang. En dat ga je naar gekregen genade ook zien en geloven. En meer en meer zien en geloven, als je kijkt naar wie je zelf bent voor de heilige God in de hemel.
Een geopende toegang door Christus
Maar kinderen van God, geliefde medechristenen, de Heere schildert ons vanmorgen juist hier ook nog iets anders voor ogen. En vandaar ons tweede punt: een geopende toegang door het gescheurde voorhangsel. Want jongens en meisjes, de Heere Jezus, dat weet je, is gekruisigd. En je ziet dat in gedachten voor je toch. Urenlang hangt Hij in de brandende zon. Bloedend, pijn lijdend, diep lijdend, vooral onder de brandende toorn van de Heere en van Zijn Vader over de zonden van Zijn volk.
En dan uiteindelijk trekt Zijn Vader ook zelfs het gevoel in Zijn hart van Zijn gunst en liefde in. En dan wordt het op de aarde ook aardedonker. Drie uur lang, van twaalf uur tot drie uur in de middag. Een stille huiver gaat er over de aarde. En dan als drie uur later het licht van de zon weer doorgebroken is, dan roept de Heere Jezus vanaf het kruis met grote stem: Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest.
En dan jongens en meisjes, op dat moment, op het moment dat de priesters in de tempel het avondoffer willen brengen. Dan zien ze het ineens. Dan scheurt dat grote gescheurde voorhangsel ineens van boven naar beneden middendoor. De weg waar verboden toegang voor stond, gaat plotseling, ze zien het, die gaat plotseling open. Op het moment dat het lichaam en de ziel van de Zaligmaker vaneen scheuren. Op het moment dat de tempel van Zijn lichaam gebroken wordt, echoot het als het ware door in de tempel.
En scheurt ook het gescheurde voorhangsel. Niet door een mens. Want dan zou dat gescheurde voorhangsel van beneden naar boven gescheurd zijn. Maar het scheurt van boven naar beneden. Het is Christus Zelf, God uit God. Die met grote kracht dat verborgen heiligdom en daarmee de toegang tot God opent. Dat wat de weg naar God toe, dat wat de toegang tot de heilige God belemmerde, het gescheurde voorhangsel, dat is er niet meer.
Dit is de grote verzoendag. Nu gaat de ware Hogepriester Zelf het heiligdom binnen. Terwijl Hij het bloed van Zijn eigen offer draagt in het hemelse heiligdom voor het aangezicht van Zijn Vader. Christus gaat met Zijn eigen bloed het heiligdom binnen. En zo, schrijft de apostel, brengt Hij een eeuwige verlossing teweeg. En zo baant Hij een weg. Waar van onze kant geen weg meer was. Een weg, God zij dank, terug naar God toe.
En geliefde gemeente, dat betekent voor iedereen die in Christus, die in Hem is. Dat er geen gescheurde voorhangsel meer is. Dat er geen belemmering is. Dat wat scheiding maakt, zonde en schuld, is er niet meer. En in plaats daarvan is er nu een geopende weg. Waardoor zondaars door Gods genade teruggebracht worden en zijn bij God. Zoals Petrus later schrijft in verwondering. Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden. Hij rechtvaardig, voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen.
Vrijmoedig toegaan tot de genadetroon
Dus de weg naar Christus toe is geopend door het bloed. De weg naar God toe is geopend door het bloed van Christus. En daarom zegt de apostel later in Hebreeën 4: Laat ons dan met vrijmoedigheid toegaan tot de troon der genade. Opdat wij barmhartigheid mogen verkrijgen en genade vinden, om geholpen te worden te bekwamer tijd. En zo mag u, kinderen van God, ook zien op deze tafel. Waar de Heere geestelijk aanwezig is.
En dus is dit een heilige tafel, de tafel des Heeren. Hoe zou je tot God durven naderen. Als je iets gezien hebt van wie God is, en van dat je Hem doorstoken hebt. Maar omdat daar toen het gescheurde voorhangsel scheurde, daarom zijn hier vanmorgen de tekenen van het gescheurde hart van Christus. Van Zijn gebroken lichaam dat gebroken werd voor u. En van Zijn vergoten bloed dat vergoten werd voor u.
Laten we dan door Gods genade, met schaamte, met diepe schaamte in ons hart, maar ook met verwondering en in blijdschap, Zijn dood vanmorgen in het midden van de gemeente gedenken. Arm, schuldig, onmachtig in onszelf. Maar met heel onze hoop gericht op Christus. Die hoop, zegt de apostel in de Hebreeënbrief, is als een anker voor onze ziel. Als een anker dat diep vast ligt op de bodem van de zee. Als een anker voor de ziel dat zeker en vast is.
Het heeft een onwankelbare grond wat ons veilig laat zijn in welke storm van dit leven dan ook. Want, zegt de apostel, die hoop die gaat in, en die blijft ingaan in dat binnenste van het gescheurde voorhangsel. Dat wil zeggen, die richt zich en die blijft zich richten, ook nu, alleen op Christus en op Zijn beloftewoord. Tot slot, geliefde gemeente: is het gescheurde voorhangsel, wat er was tussen God en tussen u, uw redding geworden?
Van een hartelijke droefheid naar God? En heeft u, kijkend naar die scheiding die u zelf had gemaakt, alle hoop op uzelf opgegeven? En heeft dat u gedrongen om de toevlucht in de nood van uw hart tot Christus te nemen, als tot uw enige hoop? Is er in uw hart, en die vraag geldt ook voor mij, een alles overtreffende liefde tot Christus, Die Zichzelf voor ons heeft overgegeven? Heeft u verdriet in uw hart?
Om uw blijvende zonden, die u zo weer het gescheurde voorhangsel kunnen optrekken, tussen God en uw ziel? En scheurt dat uw hart los van de liefde tot de zonde en tot de wereld? Als dat door Gods genade zo is, kom dan zo meteen naar deze tafel. En sla dan in de tekenen van brood en wijn een gelovige blik in het gescheurde hart van Christus. En zie en geloof, dat de weg naar de Heere geopend is. Door het bloed van de Middelaar alleen. Amen.
