De grote nieuwjaarsmorgen – Openbaring 19

Preek over: De grote nieuwjaarsmorgen
Openbaring 19:1-3: En na dezen hoorde ik als een grote stem van een grote schare in de hemel, zeggende: Halleluja, de zaligheid, en de heerlijkheid, en de eer, en de kracht zij den Heere, onzen God.

Wanneer een nieuw jaar aanbreekt, worden wij bepaald bij de vergankelijkheid van dit leven, maar bovenal bij de eeuwigheid die voor ons ligt. In Openbaring 19 klinkt de aangrijpende lofzang: “Halleluja!” terwijl tevens geschreven staat: “Haar rook gaat op in alle eeuwigheid”; deze leespreek bepaalt de lezer bij de ernstige tegenstelling tussen eeuwige zaligheid en eeuwige ondergang, en roept op om Gods Woord ter harte te nemen.

Bijbelgedeelte Openbaring 19: De grote nieuwjaarsmorgen

1 En na dezen hoorde ik als een grote stem ener grote schare in den hemel, zeggende: Hallelujah; de zaligheid en de heerlijkheid en de eer en de kracht zij den Heere onzen God;
2 Want Zijn oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig, dewijl Hij de grote hoer geoordeeld heeft, die de aarde verdorven heeft met haar hoererij, en Hij het bloed Zijner dienaren van haar hand gewroken heeft.

3 En zij zeiden ten tweeden male: Hallelujah. En haar rook gaat op in alle eeuwigheid.
4 En de vier en twintig ouderlingen en de vier dieren vielen neder en aanbaden God, Die op den troon zat, zeggende: Amen, Hallelujah.
5 En een stem kwam uit den troon, zeggende: Looft onzen God, gij al Zijn dienstknechten, en gij die Hem vreest, beide klein en groot.

6 En ik hoorde als een stem ener grote schare en als een stem veler wateren en als een stem van sterke donderslagen, zeggende: Hallelujah; want de Heere, de almachtige God, heeft als Koning geheerst.
7 Laat ons blijde zijn en vreugde bedrijven, en Hem de heerlijkheid geven; want de bruiloft des Lams is gekomen, en Zijn vrouw heeft zichzelve bereid;
8 En haar is gegeven dat zij bekleed worde met rein en blinkend fijn lijnwaad; want dit fijn lijnwaad zijn de rechtvaardigmakingen der heiligen.