Preek: Wentel uw weg op de HEERE (Psalm 37) – biddag
Preek over: Wentel uw weg op de HEERE
Psalm 37:5,6: Wentel uw weg op den HEERE, en vertrouw op Hem, Hij zal het maken; en zal uw gerechtigheid doen voortkomen als het licht, en uw recht als den middag.
Leespreek: https://leespreken.nl/preek/wentel-uw-weg-op-heere/
Transcript
Geliefde gemeente, Psalm 37, waar we een
stukje van gelezen hebben, is een bijzondere
::psalm. Het is eigenlijk een soort verzameling van
spreuken, vol van wijsheid, gedicht door David,
::waarschijnlijk op oudere leeftijd. Het is een
verzameling spreuken gerangschikt volgens de
::letters van het Hebreeuwse alfabet. Met als
voornamelijk thema wat steeds terugkeert: de
::voorspoed van slechte mensen en wat dat doet met
mensen die God vrezen. En wat zij, als ze kijken
::naar hun omstandigheden, daarmee zouden
moeten doen. Kijk maar even mee, als u wilt,
::naar het eerste deel wat we gelezen hebben, Psalm
37 vers 1 tot en met 11. Dat begint in vers 1 met:
::"Ontsteek u niet over de boosdoeners, benijd hen
niet die onrecht doen.". Ontsteek u niet, ontsteek
::niet in woede, vat geen vlam van binnen. Als je
naar hun leven kijkt, en hun leven vergelijkt met
::je eigen leven. Een reactie van vlam vatten
van binnen, die David trouwens goed kende,
::ook van zichzelf. Want, om maar een voorbeeld te
noemen, als de rijke Nabal, de man van Abigaïl,
::hem afwijst, dan slaat de vlam in de pan van zijn
hart. En dan dreigt hij Nabal en heel zijn huis
::uit te roeien, maar hier corrigeert hij zichzelf.
Zichzelf en al Gods kinderen, als hij zegt:
::"Ontsteek u niet". Laat je op dat soort momenten
niet meeslepen door irritatie, door wrok,
::door jaloezie, door afgunst of door wat dan ook.
Raak daar dan niet zo van streek van, maar vers 3:
::"Vertrouw op de Heere, en doe het goede. Bewoon de
aarde, en voed u met trouw." En vers 4: "Verlustig
::u, schep vreugde in de Heere. Zo zal Hij u geven
de begeerten van uw hart." En vers 5: "Wentel uw
::weg op de Heere. En vertrouw op Hem." En vers
7: "Zwijg. Wees stil voor de Heere en verbied,
::verwacht Hem.".En dan weer: "Ontsteek u niet."
En even later nog een keer: "Ontsteek u niet."
::Bij alles wat je overkomt, in alle zorg
en verdriet, in alle ziekte en gemis,
::in alle moeilijkheden thuis, in de kerk, op
school, op je werk, bij alle onrust in je
::hart over het geweld en de oorlog in deze tijd, in
deze wereld, tot driemaal toe:. Ontsteek u niet,
::houd je hoofd en je hart koel, raak
niet geïrriteerd of gefrustreerd,
::raak niet boos en word niet bang. Maar wees stil.
Verwacht de Heere, verblijd u in Hem en vertrouw
::op Hem. Eigenlijk is dat allemaal samen te vatten
met de woorden van onze tekst. De woorden voor de
::tekst van de preek van vanavond, die staan in
vers 5 en 6. Over die verzen gaat de preek,
::op Psalm 37 vers 5 en 6: "Wentel uw weg op de
Heere en vertrouw op Hem. Hij zal het maken,
::en zal uw gerechtigheid doen voortkomen als het
licht, en uw recht als de middag." Het thema
::voor de preek is een vraag: Hoe nu verder?.
In de tijd, in het seizoen dat voor ons ligt.
::Met vertrouwen, met verwachting. En in de derde
plaats met oog en hart gericht op de Heere Jezus
::Christus. Zoals ik dat straks verder aan u zal
proberen uit te leggen. Een nieuw seizoen beginnen
::met vertrouwen; niet met een heet hoofd of hart,
maar met vertrouwen. Vers 5: "Wentel uw weg op
::de Heere en vertrouw op Hem. Hij zal het maken."
Wentel uw weg, dat wil zeggen: uw werk, uw zaken,
::uw zorgen, je studie, je schoolwerk, je vragen,
je verlangens, uw ziekte, uw eenzaamheid. Kortom:
::alles wat op je hart en wat op je schouders
drukken kan. Ook, kijkend naar het thema van
::deze psalm, je onbegrip in je hart over hoe
je levensweg gaat. Met vragen als: hoe kan de
::Heere dit laten gebeuren in mijn leven?. Ook al
je waaromvragen. Waarom treft mij dit allemaal?
::Ook je irritatie, dat smeulende ongenoegen in
je hart. Waarom heeft hij of zij voorspoed?.
::En waarom heb ik het zo moeilijk?. Ontsteek niet
in woede, maar wentel dat alles. Letterlijk in
::het Hebreeuws: rol dat, laat dat van je afrollen
en leg die last op de Heere. Want je zou er zelf
::onder bezwijken, toch?. Die last, zingt een bekend
gezang, is u te zwaar. Dat betekent overigens niet
::dat je stil moet gaan zitten en niks moet doen.
Dat je inactief of afwachtend moet gaan zijn.
::Maar dat betekent: zoek kracht en zoek hulp bij de
Heere om te doen en te dragen wat je moet dragen
::en wat je moet doen. Zoek in alles Zijn leiding.
Dat betekent voor nu en voor de komende tijd dat
::we biddend naar de Heere toe mogen gaan. En Hem
letterlijk alles mogen vertellen. Letterlijk
::alles voor Hem neer mogen leggen. Zoals in
het Oude Testament koning Hiskia de brieven
::van Sanherib voor de Heere neerlegde. Dat betekent
dat we letterlijk alles in de handen van de Heere
::mogen geven. Zoals een andere psalm zingt, Psalm
10: "Want U, Heere, aanschouwt; U ziet de moeite
::en het verdriet. U weet ervan, opdat men het
biddend in Uw hand zou geven.". Dus de last
::van ons leven af laten rollen op de Heere, en zo
alles aan Hem overgeven en overlaten. Hoe kan dat?
::Door onze gebeden. Hier leert de Heere ons,
geliefde gemeente, hoe we de komende tijd,
::het komende seizoen verder mogen gaan. Niet al
vechtend in eigen kracht, maar biddend. Terwijl
::we alles van ons leven tegen de Heere vertellen.
Om dat zo te geven in de handen van onze alwijze
::God en Vader, in vertrouwen. Kijk maar, want
dat is het volgende wat er staat in vers 5:
::"Wentel uw weg op de Heere en vertrouw op
Hem.". Zoals Petrus later zegt in 1 Petrus 5:
::"Werp al uw bekommernis, uw angst, uw zorg
op Hem. Want," en dan komt het vertrouwen,
::"Hij zorgt voor u.". Dus je last op de Heere
wentelen in het vertrouwen dat Hij zorgt. Dat
::was de genade van de Heere God in het leven van
David. Want van zichzelf kon hij ontevreden en
::opvliegerig zijn. Maar de Heere had het hem meer
en meer geleerd. Door moeilijke wegen, om zijn weg
::aan de Heere over te laten, in vertrouwen. Iemand
vertrouwen, dat weten jullie, dat kan als je
::iemand persoonlijk kent, als je een persoonlijke
relatie met iemand hebt. Dus de Heere vertrouwen,
::zoals hier staat, vraagt om een persoonlijke
relatie. Om een levende band met de Heere God. En
::daarom, gemeente, is het goed dat wij op dit punt
vanavond allemaal persoonlijk ons deze cruciale
::vraag stellen. Heb ik een persoonlijke band
met de Heere God? Ken ik Hem echt?. Ben ik ook,
::net als deze koning David destijds, een kind
van God? Als dat niet zo is, dan moet je dat
::eerlijk voor jezelf zeggen. Als dat niet zo is,
dan ben je, zegt de Bijbel, een ongelukkig mens.
::Want alleen in God is echt leven, echt geluk,
echte zaligheid te vinden, en ook de enige unieke
::troost in alle moeite en verdriet van dit leven.
Je kunt de last van dit leven niet afwentelen op
::een onbekende God. Je kunt de last van je leven
alleen maar van je schouders laten afrollen op
::Iemand Die dichtbij is. Anders kan je hooguit de
last van je leven in het oneindige gooien, hopend
::op onbestemd geluk of op voordelig toeval. Als
je zo leeft zonder God, dan ben je niet gelukkig.
::Je bent veel gelukkiger, dat blijkt uit deze
woorden en uit zoveel andere plaatsen in de
::Bijbel, als je een persoonlijke band met
de Heere hebt en dichtbij Hem mag leven.
::Als je Hem letterlijk iedere dag nodig
hebt. Als je iedere dag biddend aan de Heere
::verbonden bent.Als het iedere dag biddag
is. Als je dagelijks al je bekommernis,
::angst en zorg op Hem mag werpen
in vertrouwen dat de Heere zorgt.
::En dus vers 5: "Wentel uw weg op de Heere en
vertrouw op Hem. Hij zal het maken." Het is
::een oproep tot vertrouwen die niet alleen hier
klinkt, maar ook op heel veel andere plaatsen in
::de Bijbel. Denk maar aan Psalm 55: "Werp uw zorg
op de Heere, en Hij zal u onderhouden. Hij zal
::in eeuwigheid niet toelaten dat de rechtvaardige
wankelt.". Denk maar aan Spreuken 3: "Vertrouw op
::de Heere met uw hele hart, en steun op uw verstand
niet. Ken Hem in al uw wegen, en Hij zal uw paden
::recht maken.". Denk ook aan Jesaja 26, waar
staat: "Vertrouw op de Heere tot in eeuwigheid,
::want in de Heere Heere is een eeuwige rotssteen.".
Het is de grote plicht van ieder oprecht christen
::om voor nu en voor de toekomst al je hoop en
vertrouwen op de Heere te stellen. Vertrouwend op
::Zijn goddelijke wijsheid, dat de Heere veel beter
weet wat goed voor ons is dan we dat zelf weten.
::Vertrouwend op Zijn macht, dat de Heere doet
boven bidden en denken. En vertrouwend op Zijn
::vaderlijke zorg, die ons laat rusten en berusten
in Zijn vaderlijke wil. Zoals de dichter zingt,
::vol vertrouwen, in Psalm 33: "In de grootste
smarten blijven onze harten in de Heere gerust.".
::Geliefde gemeente, als we zo biddend in vertrouwen
leven, dan geven we eer aan God. En voor onszelf
::geeft het zoveel vrede, rust en voldoening. Waar
is dat vertrouwen op gericht?. Dat staat in het
::laatste deel van vers 5: "Hij, de Heere, zal het
maken.". Dat wil zeggen: Hij zal het tot stand
::brengen. Dat wat Hij het beste voor ons vindt,
dat wat Hij voor ons bepaald en vastgesteld heeft,
::en ook dat wat Hij aan ons beloofd heeft. Hoe
anders het er voor het oog ook kan uitzien.
::Hoe donker je weg ook kan zijn. Hoe verward
je hart zich ook kan voelen. En hoe jaloers
::je misschien wel kan zijn op anderen die alleen
maar geluk, onwaarschijnlijk geluk en voorspoed
::lijken te hebben. Toch is het beter, toch is het
het allerbeste om stil troost te putten uit Gods
::vaderlijke zorg. Zoals staat in Zondag 10 van de
catechismus: "Niet twijfelend of Hij zal mij in
::alle nooddruft voor lichaam en ziel verzorgen,
en ook al het kwaad dat Hij mij in dit jammerdal
::toeschikt, mij ten beste keren. Terwijl Hij zulks
doen kan als een almachtig God, en ook doen wil
::als een getrouw Vader." Hoe nu verder in de
tijd, in het seizoen dat voor ons ligt?. We
::hebben gezien in de eerste plaats: met vertrouwen.
"Wentel uw weg op de Heere en vertrouw op Hem.
::Hij zal het doen.". Maar nu ook in de tweede
plaats: met verwachting. Kijken naar vers 6:
::"En Hij zal uw gerechtigheid doen voortkomen
als het licht, en uw recht als de middag.".
::Uw gerechtigheid, dat wil zeggen: dat wat eerlijk
is, dat zal voortkomen als het licht. Dus aan de
::nacht komt een einde. En zo komt er op Gods
tijd een einde aan alle lijden en onrecht.
::Dat kan zijn in dit leven, hier op aarde. Het kan
zijn dat je daar nu nog helemaal niets van ziet.
::En dus vraagt dit om vertrouwen, om geloof,
om overgave en om berusting. Als we de last
::van ons leven op de Heere afrollen en
zeggen: "Heere, U weet wat het beste is,
::voor U en ook voor mij.". Dat vraagt
voor nu om vertrouwen en geloof,
::om, hoewel alles er anders uitziet, tóch te
geloven wat de Heere hier zegt. Namelijk dat
::de nacht voorbij zal gaan. Zoals ook staat
in andere psalmen, bijvoorbeeld in Psalm 30:
::"'s Avonds vernacht het geween, maar 's morgens is
er gejuich.". En dat Hij machtig is te doen, boven
::bidden en denken. En dat uiteindelijk voor al Zijn
kinderen, zoals hier staat, Hij hun gerechtigheid
::zal doen voortkomen als het licht, en hun
recht als de middagzon, zo licht, zo helder.
::Dat kan, zei ik, in dit leven zijn. Dat kan
ook, als de Heere dat wil, na dit leven zijn.
::Als, zoals de Nederlandse Geloofsbelijdenis
in artikel 37 zegt, in het goddelijke gericht
::Gods kinderen de vruchten zullen ontvangen
van de arbeid en de moeite die ze gedragen
::hebben. En hun onschuld zal doorgaan en
door iedereen gezien en beleden worden. Dat,
::zegt onze belijdenis, is troostvol voor
de vromen. Dat wil zeggen: voor iedereen
::die van harte de Heere dient en vreest. En die
door genade leeft in biddend vertrouwen op Hem.
::Leven als christen, als christin in deze tijd,
kan moeilijk zijn. Om in een wereld die in een rap
::tempo seculariseert trouw te blijven aan de Heere
en aan Zijn Woord, dat kan heel moeilijk zijn.
::Je wilt op je werk, op school of bij je studie
niet meegaan met dingen die botsen met de goede
::wil van je Meester. Je wilt niet onnodig
werken op zondag, je wilt je principes niet
::loslaten en je wilt niet meedoen met zonde,
met oneerlijkheid, met fraude of bedrog.
::Maar het kan zijn dat je dat niet in dank wordt
afgenomen. Misschien word je wel gezien als
::liefdeloos of intolerant. Misschien leidt dat
tot uitsluiting, tot minder kans op promotie,
::of soms wel tot ontslag. Wat als dat met u
of jou in het komende seizoen zo zal gaan?
::Wat dan?. Ons eigen hart is geneigd tot een van
de twee dingen die ik ga noemen. Tot wat Psalm
::37 tot drie keer toe noemt: ontsteken in woede.
Dus tot boosheid, tot vechten voor je gelijk,
::tot verbittering in je hart. Of we zijn geneigd
om bang te worden, of moedeloos, en misschien
::wel om een beetje water bij de wijn te gaan
doen. Psalm 37 geeft aan wat je als christen
::in deze tijd beter kan doen: Bidden. Stil voor
God. Je weg en alles voor de Heere neerleggen,
::en in Zijn handen geven. Alles wat je hart en wat
je schouders naar beneden drukt, dat mag je op de
::Heere wentelen, stil biddend:. "Heere, ik kan mijn
eigen hart niet veranderen, en ook niet het hart
::van andere mensen. Maar U kunt het wel. En Heere,
U weet wat het beste voor mij is.". Mijn ziel,
::zo begonnen we met Psalm 62, is stil tot U; ik
vertrouw op U. Uw hulp zal blijken. En midden in
::alle moeilijke dingen en vragen vindt mijn ziel
rust en vrede bij U. Wetend, kijkend naar deze
::woorden: Als ik mijn zaak in Uw handen geef, dan
neemt U die van mij over. Dan wordt mijn zaak Uw
::zaak. En dan zult U vroeg of laat, in dit leven of
na dit leven, recht doen. En dus: leer me, Heere,
::gewillig en met vreugde mijn pad te lopen dat U zo
voor mij hebt uitgestippeld, hoe moeilijk het ook
::kan zijn. Leer mij dagelijks mijn kruis op mij te
nemen en achter U aan te dragen. Zoals Simon van
::Cyrene destijds dat pijnlijke kruis van minachting
en spot achter Jezus droeg. En lieve mensen,
::zo kan het ook, zo kan je leven, midden
in welke moeilijke omstandigheden dan ook.
::Je last, hoe zwaar en hoe moeilijk ook, afrollend
op de Heere, met vertrouwen op Hem. En met een
::oog van geloof kijkend naar Hem Die voorgegaan
is: de kruisdragende Jezus. En dat brengt me tot
::slot bij het derde punt. Dus hoe nu verder in
het seizoen wat voor ons ligt? Met vertrouwen,
::met verwachting. En de Heere geeft ons dat in de
derde plaats: met oog en hart gericht op de Heere
::Jezus Christus. Want laat er geen twijfel over
bestaan: deze Psalm 37 is geen morele les over hoe
::je verstandig kunt leven. Deze psalm is, verhuld
weliswaar, vol van de Heere Jezus Christus.
::In de eerste plaats doet deze psalm sterk denken
aan wat de Heere Jezus zei in het Nieuwe Testament
::in de Bergrede, in de derde zaligspreking: "Zalig
de zachtmoedigen.". Niet licht ontvlambaar,
::ongeduldig, boos of gefrustreerd, maar
zachtmoedig. Buigend voor de Heere, voor Zijn wil
::en weg, biddend: "Heere, leer mij volgen zonder
vragen; wat U doet is goed.". Maar ook vriendelijk
::en mild tegenover onze medemens, en biddend
voor onszelf om de bereidheid om degenen die
::ons misdeden te vergeven. Zoals Paulus schrijft
in Kolossenzen 3: "Verdraag elkaar en vergeef de
::een de ander, als iemand tegen iemand een klacht
heeft; gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft,
::doe ook u alzo.". Dus de oproep van Psalm
37 tot zachtmoedigheid ("Ontsteek u niet,
::maar wentel uw weg op de Heere") is ten
diepste gemeente een oproep om biddend,
::door genade en geloof, de voetstappen
te volgen van de Heere Jezus Christus.
::Deze psalm, zei ik, is verhuld weliswaar, maar
vol van Christus.Want in de tweede plaats:
::was het niet de Heere Jezus Zelf Die in het
bijzonder Zijn weg vol van lijden op de Heere
::heeft gewenteld?. Ongekend zwaar was het lijden
van Zijn hart en van Zijn ziel toen Hij de toorn
::van God droeg over de zonden van Zijn kerk, Zijn
leven lang, 33 jaar lang, maar in het bijzonder
::in Gethsémané en aan het kruis op Golgotha. En
ontvlamde Zijn hart in woede? Schold Hij terug?
::Vocht Hij terug? Nee. Petrus schrijft later
in 1 Petrus 2: "Die, toen Hij gescholden werd,
::niet terugschold, en Die als Hij leed niet
dreigde, maar Zijn weg op de Heere wentelde
::en Zich overgaf aan Hem Die rechtvaardig
oordeelt.". Bad Hij in de diepste duisternis
::van Zijn hart in Gethsémané niet (Lukas
22): "Vader, of U wilde deze drinkbeker van
::Mij wegnemen. Hoe smartelijk is Mijn lijden.
Maar niet Mijn wil, maar de Uwe geschiede.".
::En Hij bleef in het diepste van Zijn lijden Zijn
vertrouwen stellen op Zijn God, toen Hij midden
::in de zwarte nacht van Zijn Godsverlating riep:
"Mijn God, Mijn God, waarom hebt U Mij verlaten?".
::En Hij wentelde uiteindelijk heel Zijn weg en
heel Zijn leven op Zijn Vader, toen Hij zei:
::"Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest.".
Dus nogmaals, gemeente, de oproep van Psalm 37
::om onze weg op de Heere te wentelen is ten diepste
een oproep om biddend Hem te volgen. Deze psalm,
::zei ik, is verhuld weliswaar vol van de
Heere Jezus Christus, want in de derde
::plaats is Hij niet alleen Zijn kinderen voorgegaan
in het buigen onder Gods weg en in het geduldig
::dragen van vernedering, maar uiteindelijk heeft
God Hem, in weerwil van de wens van Zijn vijanden,
::ook uitermate verhoogd. In Hem is, meer dan in
wie ook, ten volle vervuld wat staat in vers
::5 en 6: "De Heere zal het doen, Hij zal uw
gerechtigheid doen voortkomen als het licht,
::en uw recht als de middagzon.". Wanneer gebeurde
dat? Niets was er aanvankelijk wat hierop leek.
::De Joodse Raad veroordeelde Hem voor
godslastering, de Romeinen hingen Hem
::aan het kruis tussen twee misdadigers, de aarde
verstootte Hem, en de Vader trok het licht van de
::zon in en verliet Hem. Daarna eindigde Zijn
leven in het graf van Jozef van Arimathea.
::Maar het Woord, het beloftewoord van de Heere,
blijft waar, ook al lijkt het onmogelijk,
::al lijkt het uitgesloten en al gaat het dwars
door nood en dood heen. Dat bleek toen op de
::vroege zondagmorgen van Pasen. Toen liet de Heere
Zijn gerechtigheid voortkomen als het morgenlicht.
::Toen de Heere Jezus opstond uit de dood, en
toen de Vader Hem daarmee publiek rechtvaardig
::verklaarde. Paulus schrijft dat later in 1
Timotheüs 3: "Hij is gerechtvaardigd in de
::Geest.". Toen heeft God uiteindelijk Zijn totale
onschuld bewezen, toen Hij aan de eis van God in
::alles had voldaan. Toen Hij de schuld van Zijn
volk volkomen had betaald en de zonden verzoend,
::heeft God de Vader Hem uitermate verhoogd.
Zijn gerechtigheid kwam voort als het licht,
::en Zijn recht als de middagzon. Deze Christus,
de vernederde, geduldig kruisdragende
::Zaligmaker, en deze gerechtvaardigde,
verhoogde Zaligmaker Jezus Christus,
::is als het goed is voor ons in het komende seizoen
alleen onze hoop en alleen onze verwachting. Op
::Hem, geliefde gemeente, mag u ook, voor het eerst
of opnieuw, de last van uw zonden wentelen. Heeft
::de Heere Jezus dat niet Zelf gezegd toen Hij zei:
"Kom herwaarts tot Mij, u die vermoeid en belast
::bent, dan zal Ik u rust geven.". Rust geven? Hoe?
Door de last van uw zonden over te nemen op Mij.
::En dus lieve mensen, als je gedrukt wordt
in je hart, in je denken, door de last van
::uw zonde en schuld voor God, wentel die dan.
Laat die dan vanavond afrollen op Christus.
::Leg dan uw onreine en zondige handen op het hoofd
van het Lam van God, dat de zonde van de wereld
::wegdraagt. In die weg moet je wel belijden, net
als ik, dat je bij jezelf geen gerechtigheid
::hebt. Maar in die weg wil de Heere het licht van
de gerechtigheid van Christus ook laten opgaan in
::de donkere nacht van je zondeovertuiging.
Wentel je weg op Hem, je zonde en schuld,
::en vertrouw op Hem. Geef het vertrouwen op jezelf
wat dit betreft op. En vertrouw op Hem alleen,
::dat Hij het zal doen. Dat Hij zal doen
wat je zelf niet en nooit meer kunt doen,
::namelijk jezelf ontdoen van de last van je zonde
en leren leven tot eer van God. Hij, Christus,
::kan het doen, is bereid om het te doen, Hij wil
het doen. En dan zal Hij ook uw gerechtigheid
::doen voortkomen als het licht, en uw recht als
de middagzon. Wat zal er dan opgaan? Welk licht?
::Zal er dan iets van u of mij zijn? Nee, dan zal
alles van Hem, van Christus opgaan. Van Zijn
::volkomen gerechtigheid, verdiend aan het kruis
en in Zijn opstanding uit de dood, toegerekend,
::geschonken, gegeven aan u. Een loutere, pure
genade, onverdiend gegeven aan een verloren mens.
::En dan ook in het komende seizoen, niet
in eigen kracht, maar in Zijn kracht:
::hoe het ook gaat en wat er ook gebeurt,
wees zo stil voor God. Biddend, alles in
::Zijn handen gevend, met vreugde in God, en met
al uw vertrouwen hoe het ook gaat op Hem gericht.
::Zo, geliefde gemeente, is het door Gods genade
altijd geweest in het leven van al Gods kinderen.
::Dat staat in Psalm 22: "Op U, Heere, hebben onze
vaders vertrouwd; zij hebben vertrouwd en U hebt
::hen uitgeholpen. Tot U hebben ze geroepen en zij
zijn gered. Op U hebben zij vertrouwd en zij zijn
::niet beschaamd geworden.". Zo is het altijd
geweest in het leven van Gods kinderen, en zo
::zal het altijd blijven. Zoals de dichter van Psalm
84 zingt: "Welzalig is hij die al zijn kracht en
::hulp alleen van U verwacht.". God stort op hen een
milde regen, die hen overdekt, verkwikt, steeds
::weer opnieuw, en hen tot zegen strekt. Dat geve
ons de Heere, geliefde gemeente, in het seizoen
::dat voor ons ligt, om zo in stil vertrouwen met
de Heere te mogen leven. Ziende op Christus.
::Zoals John Owen zei: "Heel het geloof bestaat
uit het zien op Jezus.". Ziende op Christus,
::terwijl u door lijden en verdrukking, moeite
en zorg heen, Zijn voetstappen drukt. Amen.
