| Preek over: Zondag 12 Zondag 12 van de Catechismus gaat over de Naam Christus. Hij is door de Vader gezalfd tot Profeet, Priester en Koning. |
De drie ambten van Christus
Het gaat, gemeente, jongelui, in artikel 2 van de Twaalf Artikelen over de Namen van de Zoon van God. De vorige keer ging het over de Naam Jezus, vanavond over de Naam Christus, de Gezalfde, vanuit Zondag 12. Waarom heet de Heere eigenlijk zo, is de diepe en fundamentele vraag die aan de orde komt in Zondag 12. De Zaligmaker is in deze wereld gekomen, gezalfd door de Vader, Die de Heilige Geest op Hem deed rusten. Christus is gezalfd om een blijde boodschap te brengen aan de zachtmoedigen en om te verbinden de gebrokenen van hart.
Daarover gaat ook Zondag 12 van de Heidelbergse Catechismus, waar we samen biddend naar gaan kijken. De vragen 31 en 32 van Zondag 12 spreken over de drie onmisbare ambten van Christus en de christen. Vraag 31 vraagt nadrukkelijk in de vertrouwde bewoordingen van de Catechismus: Waarom is Hij Christus, dat is een Gezalfde, genaamd? Het antwoord is dat Hij van God de Vader verordineerd is, en met de Heilige Geest gezalfd. Niet tot één ambt, maar tot de drie onderscheiden ambten van Profeet, Priester en Koning.
Als eerste is Hij gezalfd tot onze hoogste Profeet en Leraar, stelt de belijdenis van Zondag 12. Die ons de verborgen raad en wil Gods van onze verlossing werkelijk volkomen geopenbaard heeft door het Evangelie. Dus, als je in je Bijbel leest en vooral als je hier in de kerk luistert, dan spreekt de hoogste Profeet. Christus preekt ons de raad en wil van God van onze verlossing door ons de enige weg tot zaligheid te wijzen. Hier vertelt Christus Zelf u, gemeente, Gods eeuwige verlossingsplan volgens de rijke leer van de kerk.
Christus is ook door de Vader gezonden en met de Heilige Geest gezalfd als onze enige Hogepriester in Zondag 12. Hij heeft ons met de enige offerande van Zijn lichaam verlost en treedt met Zijn voorbidding steeds tussen bij de Vader. Deze hemelse Priester offerde geen offerdier, maar Hij was Zelf het volmaakte Lam dat ter slachting werd geleid. Het is nodig dat we dat leren met ons hart, zoals Zondag 12 ons zo getrouw, ernstig en eerlijk onderwijst. Hij laat steeds Zijn offer, Zijn bloed zien aan Zijn Vader als de enige grond voor verhoring.
Christus is ten derde gezalfd tot onze eeuwige Koning, Die ons met Zijn Woord en Geest volmaakt regeert. En ons bij de verworven verlossing beschut en genadig behoudt, is de troostrijke en krachtige belijdenis van Zondag 12. Christus is Koning, niet een koning Die regeert met aards geweld, maar Die vijanden met goddelijke macht en liefde bindt. Het zat in onze zondige natuur dat we zelf koning wilden zijn, maar Hij haalde ons van onze eigen troon af. Hij Zelf richtte Zijn troon op in ons hart en nu buigen we gewillig aan Zijn voeten, zoals de catechismus aangeeft.
De drie zegeningen van de christen
Vraag 32 vraagt vervolgens in de rijke stof van Zondag 12: Maar waarom wordt u een Christen genoemd? U voelt, de catechismus vindt in het indringende onderwijs van Zondag 12: Dit hoort onlosmakelijk bij elkaar, de Christus en de christen. Omdat ik door het geloof een lidmaat van Christus en alzo Zijn zalving deelachtig ben, getuigt het ontroerende antwoord in Zondag 12. Je bent christen en alleen dan christen, als je één gemaakt bent met Christus en wezenlijk ingeplant in de levende Wijnstok. Voor een oprecht christen is Christus zijn of haar enige Hoop geworden in leven en sterven.
De rijke zegen die daarbij hoort volgens Zondag 12, die bestaat uit drie dingen die precies passen bij de drie ambten van Christus. Als eerste, als profeet, belijdt de oprecht gelovige Zijn heilige Naam vanuit de onmisbare genade van Zondag 12. De Naam van Christus belijd je als christen in je hart, omdat Christus werkelijk alles voor je geworden is. De Naam van Christus belijd je ook met je leven, door te doen wat de Heere in Zijn heilig Woord wil. Dan schaam je je niet voor de Naam van Christus. Want hoe zou je je schamen voor Hem Die je leven is?
Als tweede, als priester, word ik geroepen mijzelf tot een levend dankoffer Hem gewillig op te offeren. Niet als brandoffer of als zondoffer dus, want de onbetaalbare en bloedige prijs voor de zonde is op Golgotha voorgoed betaald. Maar als een vrijwillig dankoffer, met al de onuitsprekelijke liefde van mijn vernieuwde hart, is de bijbelse roeping in Zondag 12. Zie, hier ben ik, ik zal U van harte dienen, volkomen gehoorzamen en trouw volgen in de smalle weg van Zondag 12. Priesters waren trouwens ook biddende en zegenende mensen, biddend voor hun volk als een ware en oprechte hemeltolk.
Strijden tegen de zonde en de duivel
Als derde, als koning word ik gezalfd om met een vrij en goed geweten tegen de zonde en de duivel te strijden. Het leven van een kind van God hier op deze aarde is een doorgaand leven van strijd, zoals Zondag 12 eerlijk en nuchter aangeeft. Een leven van aanhoudende strijd tegen de wortel van de zonde, de sluwe listen van de duivel en de verleidingen van de wereld. We strijden gelukkig niet in onze eigen kracht, maar onophoudelijk biddend onder de macht en de heerschappij van onze grote Koning. Dat is de dagelijkse, geestelijke praktijk die direct voortvloeit uit de theologie en geloofsleer van Zondag 12.
Totdat de strijd voorgoed voorbij is, en we hiernamaals in eeuwigheid met Hem over alle schepselen volmaakt zullen regeren. Dan is de strijd voorbij, dan zullen we onze heilsheerlijke Heere ontmoeten en zullen we Zijn onbevattelijke heerlijkheid zien. De onuitsprekelijke heerlijkheid van onze eeuwige Koning, die ons door Israëls God uit louter genade en liefde gegeven is. Dat is het immense, troostvolle en heerlijke vooruitzicht dat ons in het sluitstuk van Zondag 12 zo helder voor ogen wordt geschilderd. Dan zullen we de Koning voor altijd zien in Zijn onkreukbare schoonheid en dan zullen we in eeuwigheid nooit meer terugzien.
Onze geestelijke blijdschap, die hier op aarde klein begon om Hem, zal dan onbepaald en onbegrensd zijn. Door het heldere licht dat van Zijn Goddelijk aangezicht straalt, zal die blijdschap werkelijk tot het allerhoogste toppunt stijgen. Dan zullen we voor altijd vol aanbidding onze verworven kronen werpen aan de gezegende voeten van het bloedende Lam. Aan de voeten van Hem, Die ons door Zijn bloedstorting gemaakt heeft tot koningen en priesters voor God en Zijn hemelse Vader. Hem, zeg ik vol lof en aanbidding, zij de lof, de heerlijkheid en de hoogste kracht in alle eeuwigheid. Amen.
