Wat zoekt u de Levende bij de doden? (Lukas 24)

7/april/2026

Bijzondere Diensten: Pasen

Bijbelboeken: Lukas

Preek over: Wat zoekt u de Levende bij de doden?
Lukas 24:5-6: Wat zoekt gij de Levende bij de doden? Hij is hier niet, maar Hij is opgestaan. Gedenkt, hoe Hij tot u gesproken heeft, als Hij nog in Galilea was.

Gemeente, het Paasevangelie blinkt uit in eenvoud. In de eenvoud die voor de wijzen en verstandigen verborgen is, maar die aan kleine kinderen is geopenbaard. We overdenken vanmorgen, op deze eerste paasdag, in alle eenvoud het paasevangelie. Wat zoekt gij de Levende bij de doden? Hij is hier niet, maar Hij is opgestaan. Gedenkt, hoe Hij tot u gesproken heeft, als Hij nog in Galilea was. Het thema voor de preek van vanmorgen is: Opgestaan van de doden. Er zijn drie aandachtspunten. De vrouwen zoeken, de engelen hebben een boodschap en de discipelen geloven hen niet.

De vrouwen zoeken

Laten we eerst maar even meelopen met de vrouwen. Op die vroege paasmorgen. In alle vroegte zijn ze op pad gegaan met hun specerijen om het lichaam van de Heere Jezus te zalven. Het is liefde voor, het is toewijding aan hun Meester. Want ze hebben de Heere Jezus zo lief! Het is liefde, toewijding en ijver. Maar het is ook ongeloof. Want, jongens en meisjes, zou de Heere nog wel in het graf zijn? Hij heeft toch gezegd: De Zoon des mensen moet veel lijden, en verworpen worden van de ouderlingen, en overpriesters, en Schriftgeleerden, en gedood en ten derden dage opgewekt worden.

Ja, de Heere heeft het wel gezegd. Maar ze hebben het niet begrepen. Ze begrepen het niet. Het was voor hen verborgen. Het was als een geheim. Zo zijn ze op weg naar het graf. En dan ineens, als ze bij het graf aankomen, zien ze tot hun grote schrik: de steen is weg! De deur van het graf is open. Het graf, het huis van de dood, heeft geen deur meer. Dat is Pasen! Het graf was als een gevangenis, waar niemand ooit uit zou kunnen ontsnappen. Maar wat blijkt? De deur is weg!

Dat wil zeggen: de dood is overwonnen! Dat is de betekenis van Pasen: God de Vader heeft Zijn Zoon, de Middelaar, de Heere Jezus Christus opgewekt uit de dood! Alles is volbracht. Het doel is bereikt. En daarom wekt de Vader Zijn Zoon op uit de dood. Het graf is open en het lichaam van de Heere Jezus is er niet. Grote twijfel overvalt hen. Dat wat hen had moeten troosten, brengt hen in verwarring en grote vertwijfeling. En dat is nog steeds zo vaak zo. Dat Gods kinderen in de war kunnen raken van dingen die hen juist wilden troosten.

De engelen hebben een boodschap

De deur van het graf is weg. De toegang is open. Ze kijken, totdat ineens: Zie, twee mannen stonden bij haar in blinkende klederen. Ineens zien ze twee mannen in fel blinkende kleding. Twee engelen. En die hebben een boodschap. De vrouwen staan perplex, als aan de grond genageld. En als zij zeer bevreesd werden en het aangezicht naar de aarde neigden, zeiden zij tot haar: Wat zoekt gij den Levende bij de doden? Hij is hier niet, want Hij is opgestaan. Gedenk toch hoe Hij tot u gesproken heeft, toen Hij nog in Galilea was.

Dan herinneren ze zich weer Zijn woorden. Dit is het verborgen werk van God de Heilige Geest, van de Geest van Christus. Die ooit zei: Hij zal u alles leren en indachtig maken. Hij brengt het in hun gedachten, in hun harten. En zij werden indachtig Zijn woorden. Wat hebben we nodig, kinderen van God, dat de Heere, dat God de Heilige Geest, ons herinnert, steeds weer, aan Zijn eigen woorden. Woorden die ons in het verleden hoop en moed gaven, maar daarna zakte het weer zo weg, werd het weer zo donker.

Waarom zoekt u de Levende bij de doden? Zoek die dan niet in het graf van de zonde, zoek het dan niet in het dienen van de wereld en van de dingen van deze tijd. Daar vind je het niet! Onrustig blijft je ziel, totdat die rust vindt in God. Als uw hart onrustig is en u vrede zoekt met God, waar zoekt u die dan? Zoek die dan niet in de restauratie van de bouwval van uw gebroken leven. Ga het graf van uw geestelijke dood niet wit verven. Want dood is dood, en dat zal nooit anders worden door alles wat u doet.

Als u uzelf kunt redden, doe het vooral. Maar het evangelie is voor zondaars. Die met God gebroken hebben, die al Gods geboden overtreden hebben en die de eeuwige straf verdiend hebben. Voor zulke mensen is de lijdende, stervende en nu levende Zaligmaker gekomen, juist om hun overtredingen uit te wissen, om hen met God te verzoenen, om hen te brengen tot de vrede met God. En dat is het evangelie van Pasen: Christus heeft de macht van de zonde en de dood overwonnen. En Hij leeft! En dus is er redding beschikbaar voor ellendige en verloren mensen.

De discipelen geloven hen niet

Ze horen het Woord en ze geloven het Woord, en ze zien de opgestane Jezus door het geloof in het Woord. Ze geloven het woord. En dus: verlaten ze het graf. Want het is één van twee. Het is of naar de levende Christus gaan, of blijven bij het kille graf van je dode werken en je eigen specerijen. Ze verlaten het graf en ze gaan op zoek. Naar de elven, naar de discipelen, die zo van verre stonden, ook zo vol van twijfel en ongeloof. Als het echt Pasen is, als je de woorden van de opgestane Christus horen en geloven mag, dan gaat je hart in brand!

Dan zeg je: kom gaan met ons, de Heere is waarlijk opgestaan. Dus, discipelen, de boodschap die je krijgt, is betrouwbaar! Want, als ze dan langs de verschillende huizen van de discipelen gaan, dan lijken hun woorden als ijdel geklap. Kletskoek, vrouwenpraat, onzin! En zij geloofden hen niet. Hier is opnieuw een vervulling van de profetie van Jesaja. Wie heeft onze prediking geloofd? Maar gemeente, wie hier met de vinger wijst, die kent zijn of haar eigen hart niet. Geestelijk dode harten denken dat ze altijd kunnen geloven. Maar het geestelijk levende hart heeft vaak zoveel last van ongeloof.

Petrus aarzelt. Petrus, hij loopt naar het graf. Hij bukt, hij kijkt in het graf, en hij ziet het: het graf is leeg. Althans, alleen de doeken zijn er nog. Als hij zich nu maar de woorden van de Heere herinnerd had en geloofd had, dan was hij blij thuisgekomen op deze paasdag. Maar nu is hij alleen maar verbaasd, verwonderd. Hoe anders zou ons leven zijn, -kinderen van God-, als we de woorden van Christus goed zouden begrijpen en we ze altijd in onze gedachten en in onze harten zouden hebben.

En dus roept alles op deze paasdag om het ingrijpen van de opgestane Levensvorst Zelf. Om de komst van Zijn Geest, Die de woorden van Christus indachtig maakt. Zodat we ze ons herinneren en geloven. Ook u, nog steeds van verre staande en twijfelende discipelen, opdat u deze woorden geloven zou. Die door Hem gelooft in God, Welke Hem opgewekt heeft uit de doden, en Hem heerlijkheid gegeven heeft, opdat uw geloof en hoop op God zijn zou.