Honger in Samaria, God houdt Zijn Woord – 2 Koningen 6-7

Preek over: Honger in Samaria, God houdt Zijn Woord
2 Koningen 6:25:  En er werd grote honger in Samaría; want zie, zij belegerden haar, totdat een ezelskop voor tachtig zilverlingen was verkocht en een vierendeel van een kab duivenmest voor vijf zilverlingen.

Bijbelgedeelte 2 Koningen 6: Honger in Samaria, God houdt Zijn Woord

25 En er werd grote honger in Samaría; want zie, zij belegerden haar, totdat een ezelskop voor tachtig zilverlingen was verkocht en een vierendeel van een kab duivenmest voor vijf zilverlingen.
26 En het geschiedde als de koning op den muur voorbijging, dat een vrouw tot hem riep, zeggende: Help mij, heer koning.

27 En hij zeide: De HEERE helpt u niet; waarvan zou ik u helpen? Van den dorsvloer of van de wijnpers?
28 Voorts zeide de koning tot haar: Wat is u? En zij zeide: Deze vrouw heeft tot mij gezegd: Geef uw zoon, dat wij hem heden eten, en morgen zullen wij mijn zoon eten.
29 Zo hebben wij mijn zoon gezoden en hebben hem gegeten; maar als ik des anderen daags tot haar zeide: Geef uw zoon, dat wij hem eten, zo heeft zij haar zoon verstoken.

30 En het geschiedde als de koning de woorden dezer vrouw gehoord had, dat hij zijn klederen scheurde, alzo hij op den muur voortging; en het volk zag, dat, zie, een zak vanbinnen over zijn vlees was.
31 En hij zeide: Zo doe mij God en doe zo daartoe, indien het hoofd van Elísa, den zoon van Safat, heden op hem zal blijven staan!

32 (Elísa nu zat in zijn huis en de oudsten zaten bij hem.) En hij zond een man van voor zijn aangezicht; maar eer de bode tot hem gekomen was, had hij gezegd tot de oudsten: Hebt gijlieden gezien, hoe die zoon des moordenaars gezonden heeft om mijn hoofd af te nemen? Ziet toe, als die bode komt, sluit de deur toe, en dringt hem uit met de deur; is niet het geruis der voeten zijns heren achter hem?
33 Als hij nog met hen sprak, zie, zo kwam de bode tot hem af; en hij zeide: Zie, dat kwaad is van den HEERE; wat zou ik verder op den HEERE wachten?