God hoort roepen van de jonge raven – Psalm 147

13/juli/2025

Bijbelboeken: Psalmen

Preek over: God hoort roepen van de jonge raven
Psalm 147:9: Die de hemelen met wolken bedekt, Die voor de aarde regen bereidt; Die het gras op de bergen doet uitspruiten; Die het vee zijn voeder geeft; aan de jonge raven, als zij roepen.

De Heere hoort het geroep van de jonge raven

Psalm 147 vers 9b spreekt over de Heere die het vee zijn voeder geeft en de jonge raven als zij roepen. Raven zijn intelligente maar ook irritante en egoïstische vogels die zelfs de nesten van andere vogels leegroepen. In de Bijbel worden ze omschreven als onrein, vogels die men eerder zou minachten dan in een kooitje zou houden. Toch zijn deze jonge raven kwetsbaar vanaf het moment dat ze uit het ei komen. Oude raven laten hun jongen vaak al snel alleen in het nest achter zodra ze enigszins voor zichzelf kunnen zorgen. Job vraagt daarom wie de raaf haar kost bereidt als haar jongen tot God schreeuwen omdat er geen eten is. Het is een bijzonder beeld: het geroep van de jonge raven wordt gehoord door de Heere in de hemel die voor hen zorgt.

Wij lijken eigenlijk heel erg op zulke vogels, want in de ogen van de Heere God zijn wij ook vaak opstandig en onrein. Net als de raven zijn wij schuldig aan zonden en tegelijkertijd uiterst kwetsbaar in ons bestaan. Een kleine pasgeboren baby is in zonden ontvangen en geboren, een kind des toorns dat hulpeloos is zonder de zorg van de Maker. Wanneer wij onze Schepper verlaten, wordt onze toestand ellendig, ontheemd en zonder perspectief, precies zoals een jonge vogel die alleen is gelaten. Toch is er hoop, want de tekst benadrukt dat de Heere luistert naar het geroep van de jonge raven. Als deze onreine dieren al niet aan hun lot worden overgelaten, hoeveel te meer zal God dan niet naar mensen omzien die tot Hem roepen?

Het geroep van de jonge raven in geestelijke nood

Het roepen van deze vogels is instinctief en ongericht, maar de Bijbel stelt dat zij hiermee feitelijk tot God schreeuwen om eten. In Psalm 104 staat dat alle dieren op de Heere wachten zodat Hij hun voedsel geeft te Zijner tijd. De Heere Jezus wees hier ook op toen Hij zei dat de hemelse Vader de vogelen voedt, ook al zaaien of maaien zij niet. Dit betekent dat zelfs bij deze irritante beesten God hun stem hoort en voorziet in wat zij nodig hebben. Voor ons is de vraag cruciaal of wij ook tot God roepen in onze verloren toestand. Veel mensen roepen nooit of bidden slechts als een papegaai zonder werkelijke nood, terwijl het geroep van de jonge raven juist getuigt van een bittere noodzaak om te overleven.

Zonder te roepen kan een mens niet overleven, zeker niet wanneer we beseffen dat wij voor de eeuwigheid zijn geschapen. Sterven betekent voor een mens God ontmoeten, en om dan pas te beginnen met roepen is volgens de Spreuken echt te laat. Het is noodzakelijk dat wij niet slechts om aardse zaken zoals geld of gezondheid vragen, maar om de nood van onze ziel. We hebben het Brood des levens, de Heere Jezus Christus, harder nodig dan een vogel zijn dagelijkse voeder. De jonge raven schreeuwen tot God omdat er geen eten is en zij dwalen in hun honger. Wanneer wij geestelijke honger krijgen, leren wij pas echt wat het geroep van de jonge raven betekent in de praktijk van het gebed tot de levende God.

Niemand zoekt van zichzelf God, want wij zijn diep ellendig en vragen uit onszelf niet naar Hem. Het wonder is echter dat God wel naar ons en naar onze kinderen vraagt en ons voortdurend roept om naar Hem te luisteren. Alleen door wedergeboorte en een nieuw hart leren wij biddend te schreeuwen als een arme zondaar die weet dat hij verloren gaat. Een zondaar die honger heeft en beseft dat hij zwart en onrein is, kan niet langer zwijgen voor de troon van genade. De geestelijke honger drijft een mens uit naar de enige Bron van redding, omdat de eigen pogingen tot verbetering telkens mislukken. In die diepe afhankelijkheid lijkt het gebed van een kind van God sprekend op het geroep van de jonge raven.

Verhoring van het geroep van de jonge raven

De Heere verhoort het bidden, want de Bijbel staat er vol van dat zij die roepen door de Heere gehoord worden. Dit gebeurt niet omdat ons roepen zo goed is, maar uitsluitend om Jezus’ wil en Zijn volbrachte werk. In de Heilige Doop zien we dat de Heere de zonden wil afwassen met het bloed van Christus, wat een vaste pleitgrond geeft. De Heere Jezus riep Zelf ook tot God, maar werd in Zijn diepste lijden niet verhoord zodat wij nu wel verhoord kunnen worden. God luistert liever naar uw bidden dan naar de vogels, want u gaat deze vogeltjes zeer veel te boven. Hoe meer u uw zonden eerlijk vertelt, hoe meer u zult merken hoe graag God genade schenkt door het geroep van de jonge raven te beantwoorden.

Ouders mogen pleiten op het verbond en het water van de doop voor de redding van hun kinderen, ook als die kinderen zelf nog niet kunnen roepen. Het is het liefste werk van de Heere om hongerigen met goederen te vervullen en biddende zondaars genadig te ontvangen. De belofte staat vast: wie tot de Heere komt, zal Hij geenszins uitwerpen, ongeacht hoe groot de schuld of de zwartheid van het hart is. Wees daarom geduldig in de verdrukking en volhard in het gebed, want de Heere leert ons Zelf hoe wij moeten smeken. Zelfs als wij geen woorden hebben, zucht de Geest in ons mee met onuitsprekelijke zuchtingen voor de Vader. De Heere zal zeker uitkomst geven aan hen die in angst tot Hem vluchten en blijven vertrouwen op het geroep van de jonge raven.

Voor wie klein is in de genade en de zwartheid van eigen zonde heeft leren kennen, is er de troost dat de Meester hoort. Jongeren moeten de Heere zoeken terwijl Hij nabij is, want biddende mensen zijn uiteindelijk de gelukkigste mensen op aarde. Doopouders mogen weten dat God hun smekingen om de zaligheid van hun kinderen hoort, zelfs als de verhoring nog lang op zich laat wachten. Ook jonge kinderen mogen op hun knietjes gaan en stilletjes om een nieuw hart vragen, wetende dat God elk woord verstaat. De tekst uit de Psalm blijft een krachtige bemoediging voor iedereen die in nood verkeert en hulp nodig heeft. Laat daarom uw mond wijd open gaan, want de Heere zal elke hongerige ziel verzadigen naar aanleiding van het geroep van de jonge raven.

Wie tot Christus komt, zal nimmermeer dorsten, omdat Hij het Brood des levens is dat uit de hemel is neergedaald. Onze eigen onwil en vijandschap kunnen door de kracht van de Heilige Geest worden overwonnen wanneer wij leren pleiten op Gods vrije genade. Gebruik de pleitgronden die God Zelf geeft: wijs op uw ellende, Zijn onverdiende liefde en de beloften van het heilig verbond. De Heere sluit Zijn oren niet voor wie om genade roept, zoals Hij ze ook niet sluit voor de onreine dieren in de natuur. Blijf daarom aankloppen aan de troon der genade en rust niet voordat u de vrede van God in uw hart mag ervaren. De Heere is een Hoorder van het gebed en zal Zijn werk in u voleindigen, precies zoals beloofd is bij het geroep van de jonge raven.