/ / Huis op rots of zand (Mattheüs 7)

Huis op rots of zand (Mattheüs 7)

Huis op de rots, de dwaze op zand
Preek Mattheüs 7:24-27: Een iegelijk dan, die deze Mijn woorden hoort en dezelve doet, dien zal Ik vergelijken bij een voorzichtig man, die zijn huis op een steenrots gebouwd heeft. En er is slagregen nedergevallen, en de waterstromen zijn gekomen, en de winden hebben gewaaid, en zijn tegen hetzelve huis aangevallen, en het is niet gevallen, want het was op de steenrots gegrond.

Thema preek Mattheüs 7: Huis op rots of zand

De gelijkenis huis van de twee bouwers
1. Bouw
2. Resultaat bouw

DOWNLOAD PDF

Schriftgedeelte over Huis op rots of zandMattheüs 7
Huis op de rots: Een iegelijk dan, die deze Mijn woorden hoort en dezelve doet, dien zal Ik vergelijken bij een voorzichtig man, die zijn huis op een steenrots gebouwd heeft;
En er is slagregen nedergevallen, en de waterstromen zijn gekomen, en de winden hebben gewaaid, en zijn tegen hetzelve huis aangevallen, en het is niet gevallen, want het was op de steenrots gegrond.
Huis op het zand: En een iegelijk, die deze Mijn woorden hoort en dezelve niet doet, die zal bij een dwazen man vergeleken worden, die zijn huis op het zand gebouwd heeft;
En de slagregen is nedergevallen, en de waterstromen zijn gekomen, en de winden hebben gewaaid, en zijn tegen hetzelve huis aangeslagen, en het is gevallen, en zijn val was groot.
En het is geschied, als Jezus deze woorden geëindigd had, dat de scharen zich ontzetten over Zijn leer;
Want Hij leerde hen, als macht hebbende, en niet als de Schriftgeleerden.

Links bij preek Mattheüs 7: Huis op rots of zand
Preek Mattheüs 7: Enge poort, brede en smalle weg
– Preek Mattheüs 7: Bid, en u zal gegeven worden
Lees meer:
– Kanttekeningen bij Mattheüs 7

TERUG MATTHEUS

J.C. Ryle over Huis op rots of zand
De eerste les die wij hier tegenkomen is de nutteloosheid van een loutere belijdenis van het christendom. Niet een ieder die zegt ‘ Heere, Heere’ zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan. Niet allen die zich christenen
noemen en dat belijden, zullen zalig worden.
Laten we dit goed bedenken. Het vereist veel meer om een ziel te redden dan de meeste mensen schijnen te denken. We kunnen gedoopt zijn in de Naam van Christus en ons beroemen op onze kerkelijke voorrechten;
we kunnen een verstandelijke kennis hebben en geheel voldaan zijn met onze eigen staat. We kunnen zelfs predikers en leraars van
anderen zijn en binnen onze kerk ‘veel wonderen doen’ , maar doen we al die tijd in de praktijk de wil van onze Vader in de hemel?
Bekeren we ons werkelijk, geloven we in Christus en leven wij een heilig en
ootmoedig leven? Als dat niet zo is, zullen we, ondanks al onze voorrechten en belijdenis, tenslotte de hemel missen en voor altijd worden weggeworpen. We zullen de ontzettende woorden horen : ‘Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij. ‘