Pinksteren - 23 maart 2021
Handelingen 2:23: Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;
INLEIDING
Petrus roept de Israëlieten op de pinksterdag op om te luisteren en onder ogen te zien wat er gebeurd is: God zond Zijn eigen Zoon, met wonderen betoond en volgens Zijn vastgestelde raad overgegeven, maar zij namen Hem en doodden Hem aan het kruis. Deze schuld geldt niet alleen de Joden toen, maar heel de mensheid nu, telkens wanneer men Zijn woorden niet gelooft, Hem negeert, God de schuld geeft, voor de zonde kiest of afvalt na een tijd van meelopen. Toch is juist deze verworpen Zaligmaker gegeven tot vergeving, ook voor wie Hem kruisigde.
Een dringende oproep om te luisteren en onder ogen te zien
HANDELINGEN 2:22-28
22 Gij Israëlitische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazaréner, een Man van God onder ulieden betoond door krachten en wonderen en tekenen, die God door Hem gedaan heeft in het midden van u, gelijk ook gij zelven weet;
23 Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;
24 Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden.
25 Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor Mij; want Hij is aan Mijn rechterhand, opdat Ik niet bewogen worde.
26 Daarom is Mijn hart verblijd, en Mijn tong verheugt zich; ja, ook Mijn vlees zal rusten in hope;
27 Want Gij zult Mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige overgeven om verderving te zien.
28 Gij hebt Mij de wegen des levens bekendgemaakt; Gij zult Mij vervullen met verheuging door Uw aangezicht.
VOLLEDIGE TEKST
ds. J. IJsselstein - Handelingen 2:23
THEMA
Een dringende oproep om te luisteren en onder ogen te zien
AANDACHTSPUNTEN
Gemeente, er zijn van die momenten dat je wel luisteren moet! Je kan vaak gedacht hebben: Wat moet ik hiermee? Wat gaat dit mij aan? Waarom moet ik hiernaar luisteren? Totdat Heilige Geest Zelf met macht, gezag en Goddelijke autoriteit Zijn Woord met Zijn Eigen hand als een klopper op de deur van je hart laat vallen, de deur open doet en binnenkomt! En ik hoop en bid dat dat vanmorgen ook zo zal zijn! Als de roep klinkt, uit de mond van Petrus, zoals nu, eeuwen later, ook hier: Gij Israëlitische mannen, kinderen van het verbond, hoor deze woorden! (vers 22) Luister naar de stem van de Almachtige, en buig en breek onder wat Hij tot u zegt. Onder deze persoonlijke boodschap, aan u gericht. Het is de tekst van de preek van vanmorgen: Handelingen 2:22-23Gij Israëlietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet; Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;: Gij Israëlitische mannen, hoort deze woorden: Jezus de Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet; Deze, door de bepaalde raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;
Het thema van de preek is: Een dringende oproep om te luisteren en onder ogen te zien Om te luisteren naar? Om onder ogen te zien, wat? 1. Wat God gedaan heeft 2. Wat uzelf gedaan hebt Als eerste dus:
1. Luister en zie onder ogen: Wat God gedaan heeft! Gemeente, u weet het: Jezus de Nazarener, Hij was een Man van God. Door God gezonden. Hij zond het Liefste wat Hij had naar deze verloren wereld. Hij werd geboren in Bethlehem. Hij groeide op in Nazareth. Hij preekte en zei: Bekeer u! Hij genas zieken. Hij wekte doden op. Hij deed krachten, wonderen en tekenen. God deed ze, door Hem, (zegt Petrus) in uw midden. En: u weet dat!
Zoals God ook in ons midden, bij jou, bij u, bij mij, krachten en wonderen en tekenen gedaan heeft. Of was je doop geen wonderteken van God? Dat je wonen mag in een christelijk gezin? Dat je bewaard werd bij dat erge ongeluk? Dat je door God weggerukt werd van voor het oog van de dood? Dat je van die ziekte genezen bent? Dat je onverwacht die goede uitslag kreeg, terwijl je bang was voor een erge ziekte? En is het geen teken, is het geen wonder, dat Christus iedere dag klopt op de deur van uw hart? Dat u een Bijbel hebt? Dat u bidden mag? Dat u luisteren kan naar de goede boodschap van het Evangelie? Dat het Woord der zaligheid tot u gezonden is? Hoeveel krachten en wonderen en tekenen heeft God al niet gedaan in uw en jouw en mijn leven?
Petrus zegt: Gelijk u ook zelf weet! Dus: nu niet draaien, nu geen excuus, nu niet ergens anders aan gaan denken! U weet het! Wat God gedaan heeft in uw leven! Dat Hij je altijd achteraan gelopen is. Dat God Zichzelf niet onbetuigd gelaten heeft, goed doende van de hemel, ons regen en vruchtbare tijden gevende, vervullende onze harten met spijs en vrolijkheid (Hand. 14:17Hoewel Hij nochtans Zichzelven niet onbetuigd gelaten heeft, goed doende van den hemel, ons regen en vruchtbare tijden gevende, vervullende onze harten met spijs en vrolijkheid.).
Wat heeft God al niet gedaan in je leven? In uw leven, ouderen? En, zegt Jesaja: Wat is er meer aan u te doen? Zo zegt de Heere: Wat is er meer te doen aan Mijn wijngaard, hetwelk Ik aan hem niet gedaan heb? Waarom heb Ik verwacht, dat hij goede druiven voortbrengen zou, en hij heeft stinkende druiven voortgebracht? (Jes. 5:4Wat is er meer te doen aan Mijn wijngaard, hetwelk Ik aan hem niet gedaan heb? Waarom heb Ik verwacht, dat hij goede druiven voortbrengen zou, en hij heeft stinkende druiven voortgebracht?)
Weet u, weet jij wat God vooral gedaan heeft? Kijk maar in vers 23: Door de bepaalde raad en voorkennis van God heeft Hij Jezus de Nazarener overgegeven, uit handen gegeven. Hij gaf Zijn liefste Zoon uit handen, Hij gaf Hem over tot de dood, tot de dood van het kruis. En dat was, zo zegt Petrus, geen toeval, dat was geen uit de hand gelopen situatie. Dat was, zegt Petrus: volgens God vastgesteld plan, volgens Zijn raad. Dat was Zijn bedoeling! En ieder detail van wat gebeurde, was bij God van eeuwigheid al bekend. Het was in eeuwigheid vastgelegd. De Vader wilde Hem geven. De Zoon wilde komen. De profeten hadden er over geprofeteerd, hadden voorzegd dat de Christus lijden zou (Hand. 3:18Maar God heeft alzo vervuld, hetgeen Hij door den mond van al Zijn profeten te voren verkondigd had, dat de Christus lijden zou.). Het was Gods wil, het was volgens Zijn raad dat de Christus lijden zou en alzo in zijn heerlijkheid ingaan (Luk. 24:26Moest de Christus niet deze dingen lijden, en alzo in Zijn heerlijkheid ingaan?)
Sterker nog, het was niet alleen Gods plan om Zijn Zoon te geven, maar Hij deed het ook echt. De Vader gaf Hem uit handen. Hij gaf Hem over!
Het was niet zo, dat Hij het maar toeliet, dat Hij het maar liet gaan. Het was een actieve daad van God: Hij gaf Hem over (Rom. 8.32). Omdat God wilde dat zondaars gered zouden worden door Zijn bloed. Het was een daad van God. En Christus deed van harte en gewillig de wil van Zijn Vader. En het was een daad van grote genade en wijsheid, dat God Zijn Zoon zo overgaf tot vergeving en verzoening van de zonde. Kom, gemeente, aanbid met mij de heerlijkheid, de ongeëvenaarde wijsheid van dit Goddelijke plan! Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe (Joh. 3:16Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe.).
We hadden, jongens en meisjes, die Heere Jezus toch hartelijk moeten ontvangen?! Daar hadden we toch blij mee moeten zijn? Dat was toch de grootst denkbare zegen, die we van Heere konden krijgen?
Ja, dit is de grootste genade en zegen, die de Heere ooit aan deze wereld gaf! Zijn lieve Zoon Jezus Christus. Reden om de Allerhoogste God te aanbidden, te loven en te danken. Maar dat deden we niet!
Met die Jezus, Die ook in ons leven zoveel wonderen, tekenen en krachten deed, Die zo indringend tot ons sprak, Die zo vol liefde door God aan ons gegeven was… Wat deden wij met Hem?
2. Luister en zie onder ogen: Wat wij deden! Vers 23: Deze, door de bepaalde raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt u genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood. God gaf Hem, aan u, als een Zaligmaker. En u nam Hem, u gaf Hem in de handen van wetteloze mensen en liet Hem kruisigen. U doodde Hem. De grootste gift van de Vader, Zijn liefste Zoon, gaf u de zwaarste en meest vernederende straf: de dood aan het kruis!
Nee, dit is geen vergissing, dat dat hier zo staat. Het staat hierna nog vier keer in het boek Handelingen. In Handelingen 3:15: De Vorst des levens hebt u gedood. In Handelingen 4:10Zo zij u allen kennelijk, en het ganse volk Israël, dat door den Naam van Jezus Christus, den Nazarener, Dien gij gekruist hebt, Welken God van de doden heeft opgewekt, door Hem, zeg ik, staat deze hier voor u gezond.: U hebt Hem gekruisigd. In Handelingen 5:30De God onzer vaderen heeft Jezus opgewekt, Welken gij omgebracht hebt, hangende Hem aan het hout.: U hebt Hem omgebracht. En in Handelingen 10:39En wij zijn getuigen van al hetgeen Hij gedaan heeft, beide in het Joodse land en te Jeruzalem; Welken zij gedood hebben, Hem hangende aan het hout.: U hebt Hem gedood.
En wie deden dat? Vers 22 zegt: U, Israëlitische mannen. Jullie, die riepen: Kruis Hem! Maar kijk eens in vers 36, de kring wordt wijder: het hele huis van Israël heeft het
gedaan. Iedereen dus. Want het waren niet alleen de mensen die riepen: Kruis Hem! Maar ook de andereen die wegkeken, die voorbij liepen en zwegen. Zij waren net zo goed medeplichtig. Sterker nog, de kring wordt nog wijder, want even verderop in Handelingen 4:27 lezen we: Wie deden het? Het volk Israël met de heidenen! Dus nu nooit meer wijzen! Israël deed het namens iedereen, namens heel het menselijke ras (zie ook Rom. 11:11-16Zo zeg ik dan: Hebben zij gestruikeld, opdat zij vallen zouden? Dat zij verre; maar door hun val is de zaligheid den heidenen geworden, om hen tot jaloërsheid te verwekken. En indien hun val de rijkdom is der wereld, en hun vermindering de rijkdom der heidenen, hoeveel te meer hun volheid! Want ik spreek tot u, heidenen, voor zoveel ik der heidenen apostel ben; ik maak mijn bediening heerlijk; Of ik enigszins mijn vlees tot jaloërsheid verwekken, en enigen uit hen behouden mocht. Want indien hun verwerping de verzoening is der wereld, wat zal de aanneming wezen, anders dan het leven uit de doden? En indien de eerstelingen heilig zijn, zo is ook het deeg heilig, en indien de wortel heilig is, zo zijn ook de takken heilig.). Zij deden het namens ons! De mensen, wij, werkers in Gods wijngaard (in deze wereld), wij hebben (zoals de gelijkenis vertelt in Markus 12) de Zoon van de Eigenaar van de wijngaard uitgeworpen en gedood! (12:1-12). O, wee ons, dat we zo gezondigd hebben! (Klaagl. 5:16De kroon onzes hoofds is afgevallen; o wee nu onzer, dat wij zo gezondigd hebben!) Ooit waren we getuigen van wat Jezus zei en deed. Getuigen van Zijn liefde en wondere macht. Maar nu haalt de Heilige Geest ons als beklaagden voor Zich. ‘U kende Hem, u hoorde de liefde in Zijn stem, u zag de tranen in Zijn ogen…, maar u nam Hem en doodde Hem.
God heeft Hem opgewekt (vers 24), maar u hebt Hem gedood! Maar…, als God Hem opgewekt heeft, dan is dat bewijs van het feit dat God Hem geaccepteerd heeft. En als God Hem verhoogd heeft, dan is dat bewijs van het feit dat God Hem erkend heeft als Heere en Christus (vers 36). Als God(!) en gezalfde Koning, naar deze wereld gezonden om verloren mensen te redden van de ondergang! En daarbij, deze Christus heeft nu Zijn Geest uitgestort. U ziet en hoort de tekenen van wind, vuur en talen. Ziet u niet Zijn eeuwige macht en onbegrensde kracht? Is niet uit alles duidelijk, dat Jezus Nazareth de Christus is? De Zoon van God?
God heeft Hem opgewekt, Hij heeft Hem verhoogd; en Christus Zelf heeft Zijn Geest uitgestort. Dat wil dus zeggen: God staat aan Zijn kant! Maar u hebt Hem verworpen. Dus staat God tegenover u! Wat hebt u toch gedaan?! God stuurde Zijn lieve Zoon, tot Redder en Zaligmaker, om u te redden van de dood. Maar u nam Hem en doodde Hem! U hebt Hem genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood.
Hier is reden om te klagen: Wee ons, dat wij zo gezondigd hebben. Hier is reden om te zeggen met de dichter Jacobus Revius: T’en zijn de Joden niet, Heer Jesu, die u kruisten, Noch die verraderlijk u togen voor ’t gericht, T’en zijn de krijgslui niet die met hun felle vuisten De rietstok hebben of de hamer opgelicht, Wij zijn ‘t, o Heere, wij zijn het die U dit heb aangedaan,
Laten we daarom samen gaan zingen, met hart en mond, uit Psalm 79:4Wij zijn onzen naburen een smaadheid geworden; een spot en schimp dien, die rondom ons zijn.: Gedenk niet meer aan 't kwaad, dat wij bedreven; Onze euveldaad (onze misdaad!) worde ons uit gunst vergeven; Waak op, o God, en wil van verder lijden Ons klein getal door Uwe kracht bevrijden. Help ons, barmhartig HEER’, Uw groten Naam ter eer; Uw trouw koom' ons te stade; Verzoen de zware schuld, Die ons met schrik vervult; Bewijs ons eens genade!
Gemeente, wat tekent het toch onze vijandschap tegen God. Dat we niet alleen met God gebroken hebben in het paradijs. Maar dat we ook, toen Hij ons redden wilde van ondergang en Zijn Zoon zond, Zijn Zoon schandelijk behandeld en uiteindelijk als grootste misdadiger terechtgesteld hebben. Godslasteraars tegen God die wij zijn, wij veroordeelden de Zaligmaker als was Hij de Godslasteraar!
Gemeente, hoe zwaar zijn onze zonden, hoe zwart kleurt hier ons kwaad. Maar hoe schittert hier tegelijkertijd Gods wijsheid en genade. De Vader gaf Hem over in die smaad en in die dood. Om zo (zegt Matthew Henry) Zijn glans en majesteit des te heerlijker te laten uitkomen.
Want nu wij in de behandeling van de Zaligmaker onze ergste vijandschap hebben laten zien, en God Hem juist door die weg verhoogd heeft, nu toont God meer dan ooit Zijn liefde tot zondaars, nu is er meer dan ooit ruimte in het bloed van Christus om vrede met God te krijgen, zelfs voor de grootste van de zondaars!
Er is geen groter zonde dan het verwerpen van de Zaligmaker. Maar die verworpen Zaligmaker is door God gegeven tot vergeving van zonde. Zoals Paulus zegt in Handelingen 13:38Zo zij u dan bekend, mannen broeders, dat door Dezen u vergeving der zonden verkondigd wordt;: Zo zij u dan bekend, mannen broeders, dat door Deze (juist door Hem, die u verworpen hebt!) u vergeving der zonden verkondigd wordt. Zoals Petrus zegt in Handelingen 4:12: En de zaligheid is in geen ander; want er is ook onder de hemel geen andere Naam, die onder de mensen gegeven is, door welke wij moeten zalig worden.
Er is geen andere Naam, dan de Naam van Hem, Die u verworpen hebt! Hebt u Hem verworpen? Kom, alsnog tot Hem. Hij zal u geenszins zal uitwerpen. Hebt u Hem geen hulde en eer gebracht door Hem te aanbidden? Kom, geef Hem alsnog eer, door uw zonden aan Hem te geven Hebt u geroepen: Kruist Hem? Kom, roep alsnog Zijn Naam aan. En u zult zalig worden. Hebt u Zijn bloed vergoten aan het kruis?
Kom, laat alsnog één druppel van Zijn bloed gedrupt worden op uw verloren en vijandige hart. En u zult gered zijn!
Maar, zegt u: ‘Ben ik eigenlijk wel echt medeschuldig aan de dood van de Zaligmaker?’ Geldt dit eigenlijk wel van mij, wat Petrus zegt: Dezen, door de bepaalde raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen en door de handen der onrechtvaardigen (zij deden het!) aan het kruis gehecht en gedood? Ja, dat klopt: uw handen deden het niet! Petrus zegt: het waren de handen van wetteloze mensen die dat deden. Maar u gaf Hem over. Zij deden het met hun handen, maar het kwam uit uw hart! Namelijk, dat (hoewel God Hem aanstelde tot Zaligmaker): u Hem verwierp!
U zegt: ‘Ja, ik ben wel onbekeerd, maar is zo erg met mij? Dat ik Jezus verwerp, als hangend Hem aan het kruis? Laat me u vijf persoonlijke vragen stellen.
Verwerpt u Christus niet, zoals Joden Hem destijds verwierpen en kruisigden? 1. In de eerste plaats door Zijn woorden niet te geloven? Ik bedoel letterlijk: de woorden van deze Schiften? Als het gaat om Zijn schepping in zes dagen? Als gaat om Zijn heilzame geboden? Verwerpt u Hem dan niet als was Hij een leugenaar? Of als Iemand Wiens mening niet ter zake doet?
Verwerpt u Hem niet, Die Zijn bloed gaf om de zonden van de wereld weg te dragen, als u doet alsof de zonde een peulenschil is? U zegt: Ach, gewoon een keertje? We doen zo vaak zonde? En: er zijn zoveel ergere zonden dan die van mij? Is de zonde niet het ergste wat er is? Is leven in de zonde geen verachting van de dood en van de liefde Christus? Iedere zonde (iedere leugen, iedere vloek, ieder lasterend woord, iedere verkeerde blik, iedere zondige begeerte), iedere zonde is afwijzing van Christus en minachting van Zijn bloed. En dus in kern gelijk aan Hem kruisigen!
Zondaars, kom terug! Tot Hem, Die u gekruisigd hebt. Hij is juist gegeven als Zaligmaker voor mensen zoals u: voor vijanden!
Verwerpt u Christus niet, zoals Joden Hem destijds verwierpen en kruisigden? 2. In de tweede plaats door Hem te negeren, door Hem links te laten liggen? U hebt hem zo vaak gehoord: Zijn liefdevolle stem. U hebt ze zo vaak gezien: de krachten, tekenen en wonderen van Zijn hand. Maar ach…, u zegt: Er zijn zoveel andere dingen, die zo veel aantrekkelijker zijn dan dat. Laat me sterven met het bloed van de Zaligmaker. Maar laat me leven zonder Hem. Is dat niet Christus opnieuw in het hart treffen en de Zaligmaker doorsteken?
Niet in Hem geloven, nooit aan Hem denken, nooit je zonden voor Hem belijden, nooit op een stille plek je knieën buigen voor de hoogste Koning… Is dat niet…? Ja, dat is erger dan Hem kruisigen! Dat is doen alsof Hij niet bestaat, alsof Hij niet kwam, alsof Hij niet stierf, alsof Hij nooit is opgestaan. God heeft Hem tot een Heere en Christus gemaakt. Maar u negeert Hem! God heeft Hem uitermate verhoogd, opdat alle knie zich voor Hem buigen zou. Maar u denkt niet eens aan Hem!
Zondaars, kom terug! Tot Hem, Die u gekruisigd hebt. Hij is juist gegeven als Zaligmaker voor mensen, zoals u: God-vergetende vijanden!
Verwerpt u Christus niet, zoals Joden Hem destijds verwierpen en kruisigden? 3. In de derde plaats door heimelijk God de schuld te geven van uw onbekeerd zijn? U zegt: Ik zoek God, maar Hij hoort mij niet. Ik vraag om bekering, maar Hij doet het niet. Wat? God zegt: Ik zond u Mijn Zoon, maar u wilt Hem niet. Ik gaf Hem voor u over, maar u weigert Hem, u hebt Hem gedood.
U draait de werkelijkheid om. Wie heeft u betoverd! Het is precies andersom als dat u denkt, en heel uw leven gedacht hebt. Is het niet de ultieme verwerping, dat u zegt (terwijl Zaligmaker u juist aangeboden wordt): God wil Hem aan mij niet geven?
Zondaars, kom terug! Tot Hem, Die u verworpen hebt. Hij is juist gegeven als Zaligmaker voor mensen, zoals u: hardnekkige weigeraars!
Verwerpt u Christus niet, zoals Joden Hem destijds verwierpen en kruisigden? 4. In de vierde plaats door op ultieme moment dat gezegd wordt ‘Kiest u heden wie u dienen zult’, te roepen: Jezus? Nee! Bar-Abbas. Kruis Hem, geef mij Bar-Abbas! Wanneer…? Toen deze Jezus vriendelijk en liefdevol klopte op de deur van uw hart. Doe Mij open! Waarom zou u sterven? Kom tot Mij! Ik wil niet dat je verloren gaat!
Het raakte je, het maakte je onrustig, je kon er moeilijk van slapen. Denkend aan de komende eeuwigheid, denkend aan de aanstaande ontmoeting met God. Denkend aan de liefde Zaligmaker, Die je (na alles wat je gedaan had) niet afwees, maar vriendelijk nodigde, en zei: Mijn zoon, Mijn dochter, geef Mij je hart (Spr. 23:26Mijn zoon! geef mij uw hart, en laat uw ogen mijn wegen bewaren.).
Je dacht na… Het werd wat minder. Het ebde wat weg… Je dacht na over de consequenties… Jezus volgen betekent: breken met dit en met dat, breken met mijn zonden. Totdat je… uiteindelijk riep: Geef me Jezus of ik sterf?
Nee, totdat je uiteindelijk besloot in de donkere stilte van je hart: Geef me toch maar mijn zonden, en laat me verder leven! En sindsdien is je dodelijk rust dieper dan ooit tevoren! Heb je Christus niet gekruist? O, ontwaakt u die slaapt en staat op uit de doden! U hebt, onbekeerde vrienden, Christus verworpen. Maar God heeft Hem tot een Heere en Christus gemaakt.
Zie toch wie u bent, kijk toch wat u gedaan hebt! Groter zonde is ondenkbaar. Dwazer daad is niet voor te stellen. God had u een Zaligmaker gegeven. En Hij gaf Zichzelf tot in de dood, voor mensen zoals u. Maar u hebt de Vorst des levens gedood! U hoopt zalig te worden, maar u hebt de Enige Weg, de Zaligmaker Zelf verworpen!
Zondaars, kom terug! Tot Hem, Die u gekruisigd hebt. Hij is juist gegevens als Zaligmaker voor mensen, zoals u: liefhebbers van de zonde, meer dan van God.
Verwerpt u Christus niet, zoals Joden Hem destijds verwierpen en kruisigden? 5. In de vijfde plaats, u die ooit met Jezus wandelde (althans zo leek het voor het oog te zijn). Uw leven leek te veranderen. Mensen zagen het aan u. U was meer dan ooit betrokken op het Woord en de instellingen van de Heere. U ging aan het Heilig Avondmaal. U leek te lopen op de smalle weg. Maar… het is voorbijgegaan. Hoor klacht uit hemel: Wat zal Ik u doen, o Efraïm, wat zal Ik u doen, o Juda? Dewijl uw weldadigheid is als een morgenwolk, en als een vroeg komende dauw, die heengaat (Hos. 6:4Wat zal Ik u doen, o Efraïm! wat zal Ik u doen, o Juda! dewijl uw weldadigheid is als een morgenwolk, en als een vroegkomende dauw, die henengaat.). Uw hart lijkt harder, dan dat het ooit geweest is. U slaapt dieper, dan dat u ooit geslapen hebt. U hart wordt niet meer geraakt door de woorden van de Heere, door Zijn instellingen. U wandelde met Jezus, maar u ging teleurgesteld terug naar uw oude leven. O, ga niet door, u bent op weg naar de eeuwige ondergang!
Zondaars, kom terug! Tot Hem, Die u gekruisigd hebt. Hij is juist gegeven als Zaligmaker voor mensen, zoals u: die hun oude leven liever hebben dan Christus.
U allemaal, onbekeerde vrienden: Verhard u toch niet! Zie wat u gedaan hebt! En kom! Kom naar Christus, en buig aan Zijn voeten. Als getuige van Zijn goedheid. Als aangeklaagde, omdat u al die goedheid hebt afgewezen. Als terecht veroordeelde, omdat u daarmee alle genade onwaard geworden bent.
Kom, buig! Voordat u buigen moet aan de voeten van Hem, Die door de rechterhand van God verhoogd is tot Heere en Christus. Voor Wie alle knie zich buigen moet.
Lieve mensen, doorsteek Hem niet opnieuw! Want: Hij komt met wolken, alle oog zal Hem zien, ook degenen die Hem doorstoken hebben, die Hem verworpen hebben! (Openb. 1:7Ziet, Hij komt met de wolken en alle oog zal Hem zien, ook degenen, die Hem doorstoken hebben; en alle geslachten der aarde zullen over Hem rouw bedrijven; ja, amen.) En, zegt vers 35: Hij zal al Zijn vijanden zetten tot een voetbank van Zijn voeten.
Is er een weg tot behoud? Jazeker! Maar zie wat u gedaan hebt. Heb berouw, belijd uw schuld. Dat is de weg. En (zo zegt Petrus in vers 38): Bekeer u! Laat uw zonden afwassen door het bloed van de Heere Jezus Christus. En, vers 40: Word behouden van dit verkeerd geslacht. Dat wil zeggen: Keer u af van de zondaars en van schijnvrome, Christus-verwerpende mensen. En neem het Woord der zaligheid gewillig aan (vers 41).
De Heere Zelf moge u door Zijn Heilige Geest en almachtige genade gewillig maken. Om te breken met het verwerpen van Christus. Om te komen tot Hem. Om Hem aan te nemen met heel uw hart. Hij zal Zich zonder twijfel over u ontfermen. Want onze God (En Hij is: Heere en Christus!) vergeeft menigvuldig.
Tot slot, kinderen van God. We overdenken vanmorgen woorden die niet in de eerste plaats tot ons gesproken zijn. Toch zijn ze het overdenken alleszins waard.
Deze tekst toont ons (a) de ernst van onze zonden. Als ze voor onze bekering al verwerping van Christus en kruisiging van de Zaligmaker waren, hoeveel meer na verkregen genade en vergeving? Is dat geen reden om de zonde meer te haten en te verafschuwen? Om meer te treuren over ons harde en ontrouwe hart?
Deze tekst toont ons als tweede (b) hoe onwaardig wij waren en zijn om genade te ontvangen. Onze genade is genade die wij verworpen hebben. Onze Zaligmaker is de Zaligmaker die wij verworpen hebben. Wij hebben Hem niet geacht (Jes. 53:3Hij was veracht, en de onwaardigste onder de mensen, een Man van smarten, en verzocht in krankheid; en een iegelijk was als verbergende het aangezicht voor Hem; Hij was veracht, en wij hebben Hem niet geacht.).
Dus laat deze tekst meer dan ooit ook de grootheid van onze Heere en Zaligmaker schitteren! Hij zocht ons, Hij vond ons. Hij boog ons hart, Hij brak al ons verzet. Hij bracht ons als opstandelingen aan Zijn voeten. We zijn als vijanden met God verzoend! Hij sprengde Zijn bloed op ons verloren leven. Hij drupte Zijn bloed op ons onwillige hart, dat Hem verachtte. Daarom is Hij nu kostbaarder voor ons dan ooit tevoren! Onze Jezus, Die ons zo uitnemend heeft liefgehad, Die ons zalig maakt van al onze zonden. Voor ons, die geloven, is Hij dierbaar!
Amen.
Slotzang Psalm 86:3:
HEERE, door goedheid aangedreven, Zijt Gij mild in ’t schuld vergeven. Wie U aanroept in den nood, Vindt Uw gunst oneindig groot. HEERE, neem mijn gebed ter ore, Wil naar mijne smeking horen; Merk, naar Uw goedgunstigheên, Op de stem van mijn gebeên.
Andere preken over Handelingen
Andere preken voor Pinksteren
Andere gerelateerde preken