Preek Zondag 2: Waaruit kent u uw ellende?

Preek Zondag 2:

Het kennen van onze zonden en ellende
1. De Heere leert het
2. Een kind van de Heere buigt ervoor

PDF LEESPREEK
AUDIO

Tekst Catechismus Heidelberg Zondag 2
Vraag 3: Waaruit kent u uw ellende?
Antwoord: Uit de wet Gods.

Vraag 4: Wat eist de wet Gods van ons?
Antwoord. Dat leert ons Christus in een hoofdsom (in Mattheüs 22:37-40): U zult liefhebben de Heere, uw God, met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand en met geheel uw kracht. Dit is het eerste en het grote gebod. En het tweede, aan dit gelijk, is: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Aan deze twee geboden hangt de ganse Wet en de Profeten.

Vraag 5: Kunt u dit alles volkomen houden?
Antwoord: Nee, ik, want ik ben van nature geneigd God en mijn naaste te haten.

Links bij preek Zondag 2 Heidelberger Catechismus
Preek catechismus Zondag 1
Preek catechismus Zondag 3
Externe links:
Wikipedia
– Zondag 2 catechismus in gewone taal

TERUG CATECHISMUS

Gespreksvragen
Je kunt enkele of alle vragen nemen als uitgangspunt om de preek te overdenken of te bespreken.

  1. Wat betekent ‘ellendig’ te zijn? Wie werd er uit een gelijkenis als voorbeeld genoemd die ellendig was?
  2. Wanneer ga je de enige troost zoeken?
  3. Wat is geestelijk doodzijn? Welk gevolg heeft en wat heb je dan nodig?
  4. Ken jij jouw ellende?
  5. Hoe kun je door de spiegel van de wet je zonde leren kennen? Wat is daarvoor nodig?
  6. In de spiegel van de wet zie je Wie God is en wie je zelf bent. Wat zie je dan?
  7. We moeten de Heere God liefhebben boven alles met heel je hart, ziel en verstand. Wat betekent met je hart, ziel en verstand?
  8. Wat betekent dat de wet geestelijk is?
  9. In de preek werd gezegd dat de politie een overtreder van de wet in de kraag grijpt. Als God iemand ‘in de kraag grijpt’ is dat anders. Wat is anders?
  10. Is het kennen van je zonde en ellende een doel of een middel?
  11. Wat is ‘wanhopen aan jezelf’?
  12. De Heilige Geest leert buigen voor de wet van God. Wat betekent dat?
  13. Waarom staat er ‘ik ben geneigd’ en niet ‘ik was geneigd’?
  14. Christus houdt de spiegel van de wet vast. Hoe gebruikt Hij de spiegel?

Verdiepingsvragen
I. Geef in één kernwoord weer wat de wet vraagt.
II. Waarom wordt niet hier, maar in het deel van de dankbaarheid de wet uitgebreid behandeld?

Voor de kinderen
a. Weet je nog van de vorige keer welke dingen je nodig hebt om troost te krijgen in je leven en in je sterven?
b. De Heere hoort als we iets zeggen tegen onze papa of mama, ons vriendje of vriendinnetje. Wat zou de Heere vinden van wat je allemaal zegt?
c. In de preek werd gezegd dat je een tekst uit de Bijbel moet onthouden: Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd, en gedaan dat kwaad is in Uw ogen (Psalm 51:6). Probeer deze tekst uit je hoofd te leren.
d. Heb jij weleens tegen de Heere: Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd?
e. Wat moet je tegen de Heere zeggen als je verdrietig bent over je zonde?
f. Hieronder zie je een uitlegkleurplaat bij Zondag 2. Bespreek deze met je papa of mama en kleur daarna deze plaat.