Terug naar alle thema's

Gelijkenis

Welkom op de overzichtspagina over gelijkenissen. Hier vindt u preken over de bekende en minder bekende gelijkenissen die de Heere Jezus sprak tijdens Zijn omwandeling op aarde.

Gij zijt het zout der aarde - Mattheüs 5

Mattheüs 5:13: Gij zijt het zout der aarde; indien nu het zout smakeloos wordt, waarmede zal het gezouten worden? Het deugt nergens meer toe, dan om buitengeworpen en van de mensen vertreden te worden.

Huis op de rots, huis op het zand – Mattheüs 7

Mattheüs 7:24: Een iegelijk dan die deze Mijn woorden hoort en dezelve doet, dien zal Ik vergelijken bij een voorzichtig man, die zijn huis op een steenrots gebouwd heeft;

Gelijkenis van op de markt spelende kinderen - Mattheüs 11

Mattheüs 11:16-17: Doch waarbij zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is gelijk den kinderkens die op de markten zitten en hun gezellen toeroepen, En zeggen: Wij hebben u op de fluit gespeeld en gij hebt niet gedanst; wij hebben u klaagliederen gezongen en gij hebt niet geweend.

De Parel van grote waarde – Mattheüs 13

Mattheüs 13:45-46: Wederom is het Koninkrijk der hemelen gelijk een koopman die schone parelen zoekt; Dewelke hebbende één parel van grote waarde gevonden, ging heen en verkocht al wat hij had, en kocht dezelve.

Gelijkenis van het net, het visnet – Mattheüs 13

Mattheüs 13:47-48: Wederom is het Koninkrijk der hemelen gelijk een net, geworpen in de zee, en dat allerlei soorten van vissen samenbrengt; Hetwelk, wanneer het vol geworden is, de vissers aan den oever optrekken, en nederzittende lezen het goede uit in hun vaten, maar het kwade werpen zij weg.

Gelijkenis van de twee zonen - Mattheüs 21

Mattheüs 21:31: Wie van deze twee heeft den wil des vaders gedaan? Zij zeiden tot Hem: De eerste. Jezus zeide tot hen: Voorwaar Ik zeg u, dat de tollenaars en de hoeren u voorgaan in het Koninkrijk Gods.

Wijze en dwaze maagden - Mattheüs 25

Mattheüs 25:1-2: Alsdan zal het Koninkrijk der hemelen zijn gelijk tien maagden, welke haar lampen namen en gingen uit, den bruidegom tegemoet. En vijf van haar waren wijs, en vijf waren dwaas.

Rijke dwaas, een gelijkenis - Lukas 12

Lukas 12:16: En Hij zeide tot hen een gelijkenis en sprak: Eens rijken mensen land had wel gedragen;

Gelijkenis van het mosterdzaad - Lukas 13

Lukas 13:18-19: En Hij zeide: Wien is het Koninkrijk Gods gelijk en waarbij zal Ik hetzelve vergelijken? Het is gelijk een mosterdzaad, hetwelk een mens genomen en in zijn hof geworpen heeft; en het wies op en werd tot een groten boom, en de vogelen des hemels nestelden in zijn takken.

Gelijkenis van de verloren penning – Lukas 15

Lukas 15:8: Of wat vrouw, hebbende tien penningen, indien zij één penning verliest, ontsteekt niet een kaars, en keert het huis met bezemen, en zoekt naarstiglijk, totdat zij dien vindt?

De verloren zoon en zijn vader (deel I) - Lukas 15

Lukas 15:12: En de jongste van hen zeide tot den vader: Vader, geef mij het deel des goeds dat mij toekomt. En hij deelde hun het goed.

De oudste zoon en zijn vader (deel II) – Lukas 15

Lukas 15:31: En hij zeide tot hem: Kind, gij zijt altijd bij mij, en al het mijne is uwe.

De onrechtvaardige rentmeester - Lukas 16

Lukas 16:1: En Hij zeide ook tot Zijn discipelen: Er was een zeker rijk mens, welke een rentmeester had; en deze werd bij hem verklaagd, als die zijn goederen doorbracht.

De onrechtvaardige rechter – Lukas 18

Lukas 18:7-8: Zal God dan geen recht doen Zijn uitverkorenen, die dag en nacht tot Hem roepen, hoewel Hij lankmoedig is over hen? Ik zeg u, dat Hij hun haastelijk recht doen zal. Doch de Zoon des mensen, als Hij komt, zal Hij ook geloof vinden op de aarde?