Westminster Geloofsbelijdenis
PARAGRAAF 1
God gaf aan Adam, als een verbond der werken, een wet van volmaakte gehoorzaamheid. Hij verbood hem daarin om van de boom van de kennis van goed en kwaad te eten. Hij verplichtte Adam en zijn nakomelingen tot persoonlijke, volledige, nauwgezette en voortdurende gehoorzaamheid aan deze wet.
God beloofde daarbij het leven wanneer de mens de wet zou onderhouden en bedreigde hem met de dood wanneer hij haar zou overtreden.