Westminster Geloofsbelijdenis
PARAGRAAF 1
De lichamen van mensen keren na de dood terug tot het stof en ondergaan verderf.
Maar hun zielen, die niet sterven en ook niet slapen, keren onmiddellijk terug tot God Die ze gegeven heeft.
De zielen van de rechtvaardigen worden dan volmaakt gemaakt in heiligheid en opgenomen in de hoogste hemelen.
Daar aanschouwen zij het aangezicht van God in heerlijkheid en wachten zij op de volledige verlossing van hun lichaam.
De zielen van de goddelozen worden in de hel geworpen, waar zij in pijn en volkomen duisternis verblijven, terwijl zij wachten op het oordeel van de grote dag.
Naast deze twee plaatsen kent de Schrift geen andere plaats voor de zielen die van hun lichaam zijn gescheiden.